Einde inhoudsopgave
Fiscale geheimhoudingsplicht: art. 67 AWR ontrafeld (FM nr. 168) 2021/2.4
2.4 De aan geheimhouding onderworpen subjecten
Dr. B.M. van der Sar, datum 05-05-2021
- Datum
05-05-2021
- Auteur
Dr. B.M. van der Sar
- JCDI
JCDI:ADS285412:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Informatieverplichting
Invordering / Inlichtingenverplichting
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook: Van Walsum 1900, blz. 328 e.v., nrs. 497-499 en Van Walsum/De Wilde 1920, blz. 356, nr. 400.
In bijvoorbeeld art. 64 SW 1859 was de geheimhoudingsbepaling gericht op: “de Rijks ambtenaar, zoowel dengene ten wiens kantore de memorien van aangifte en bijlagen worden ingeleverd, als dengene die daarvan, in zijne ambtsbetrekking, kennisneemt”. Met de Wijzigingswet 1917 werd de geheimhoudingsbepaling van art. 64 SW 1859 uitgebreid en vernummerd naar art. 94 SW 1859 waarbij deze formulering behouden bleef (Wet van 20 januari 1917, houdende wijziging der Successiewet, Kamerstukken II 1916/17, 324, Stb. 1917, 189. De vernummering vond plaats bij koninklijk besluit van 12 maart 1917, Stb. 1917, 236. Het eerdere wetsvoorstel (Kamerstukken II 1915/16, 210) werd op 29 november 1916 in de Eerste Kamer verworpen en in aangepaste vorm kort daarna opnieuw ingediend en aangenomen). De geheimhoudingsbepaling van art. 17 RW 1917 gebruikte eveneens de term ‘s Rijks ambtenaar.
In het pre-AWR-tijdperk is een duidelijke ontwikkeling zichtbaar van de aan de fiscale geheimhouding onderworpen subjecten. Zoals blijkt uit deze paragraaf bleek het af en toe een worsteling te zijn om een goede formulering te vinden om deze subjecten te omschrijven. Tijdens de parlementaire behandeling van de Wet VB 1892 is inhoudelijk gediscussieerd over de vraag op wie de geheimhouding betrekking had.1 Dit leidde (uiteindelijk) tot een onderverdeling in drie categorieën van onderworpen subjecten die in de Wet IB 1914 haar definitieve gestalte kreeg. De formulering uit de Wet IB 1914 komt vanaf 1914 in nagenoeg elke fiscale geheimhoudingsbepaling voor.2
2.4.1 Bij de uitvoering van de wet betrokken ambtenaren c.s.2.4.2 Bij de uitvoering van de belastingwet ingeschakelde deskundige derden2.4.3 Niet bij de uitvoering van de wet betrokken ambtsdragers2.4.4 Afronding