Einde inhoudsopgave
Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid (IVOR nr. 116) 2019/5.3.1.3
5.3.1.3 Uit rechtshandelingen voortvloeiende schulden
mr. drs. E.C.A. Nass, datum 01-08-2019
- Datum
01-08-2019
- Auteur
mr. drs. E.C.A. Nass
- JCDI
JCDI:ADS85556:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook Spierings, 2012, onder 1.2.
Als voorbeelden noem ik het aangaan van een overeenkomst van vof (art. 18 WvK) en de oprichting van een NV of BV (art. 2:93 jo. art. 2:203 BW).
Invoeringswet Boek 2 BW, wetsvoorstel 11 005, nr. 64, Tweede NvW, 13 september 1974. Zie ook voorzieningenrechter Rechtbank Haarlem 16 februari 2012, JONDR 2012/659 (Inalfa/Mastertools); Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 24 januari 2012, JOR 2012/165 m.nt.Bertrams (Lentink/Eikendal q.q.); en Gerechtshof Amsterdam (OK) 26 juli 2001,JOR 2004/94, m.nt. Bartman (Hemony/Van der Woude).
Zo ook Booms 2019 (diss.), p. 430.
De in de richtlijn bedoelde ‘aangegane verplichtingen’ is in de Nederlandse regeling vervangen door ‘de uit rechtshandelingen van de rechtspersoon voortvloeiende schulden’. Het is van belang na te gaan wat in deze bepaling is bedoeld met het begrip rechtshandeling, wat de afbakening is van het begrip schuld als zodanig en aan wie de aanspraak toekomt.
Het begrip rechtshandeling lijkt onderscheidend te zijn. Verplichtingen die enkel uit de wet voortvloeien zijn verplichtingen uit hoofde van de fiscale en sociale wetgeving, zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking alsook verplichtingen uit hoofde van onrechtmatige daad. Ook verschuldigde wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW is een uit de wet voortvloeiende verplichting die is verbonden aan het niet nakomen van de als gevolg van een rechtshandeling ontstane verplichting.1 Toch zijn er situaties denkbaar dat het onderscheid niet goed te maken is, zoals in het geval dat het gaat om rechtshandelingen waaraan uit hoofde van de wet bepaalde rechtsgevolgen zijn verbonden.2
Het begrip schulden moet niet in de beperkte betekenis van geldschulden worden uitgelegd maar moet in het licht van de unitaire terminologie worden uitgelegd als verbintenissen van de groepsrechtspersoon, dus om door de groepsrechtspersoon verschuldigde tegenprestaties. Dat kan de voldoening van een geldbedrag zijn, maar ook een leveringsverplichting, aanvullende of vervangende schadeloosstelling (wegens tenietgaan of ontbinding van de overeenkomst).3
Uit de woordkeuze blijkt dat de in de verklaring opgenomen aansprakelijkstelling voor schulden uit rechtshandelingen zich niet richt tot specifieke personen of tot de oorspronkelijke schuldeisers van de 403-rechtspersoon. Daaruit vloeit voort dat een ieder die recht heeft op een uit een rechtshandeling van de 403-rechtspersoon voortvloeiend vorderingsrecht jegens die rechtspersoon, de 403-aanspraak jegens de moedermaatschappij (= de 403-aansprakelijke maatschappij) heeft. Dat betekent ook dat een beperking in dit generieke karakter, de verklaring ongeschikt maakt als toereikend voor het gebruik van het groepsregime.4 Dit hoeft overigens aan een gradatie ter zake van de aanspreekvolgorde niet in de wet te staan, mits zulks uit de 403-verklaring blijkt.