Regres bij concernfinanciering
Einde inhoudsopgave
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/4.12:4.12 Een alternatieve methode voor het bepalen van draagplicht
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/4.12
4.12 Een alternatieve methode voor het bepalen van draagplicht
Documentgegevens:
mr. drs. C.H.A. van Oostrum, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. C.H.A. van Oostrum
- JCDI
JCDI:ADS588572:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf wordt een voorstel gedaan voor een methode om de draagplicht te bepalen tussen ter securering van het concernkrediet hoofdelijk aansprakelijke concernvennootschappen. Gezien de aard van het debat en de tegenover elkaar staande perspectieven op de problematiek, is het geen sinecure om een breed gedragen oplossing te ontwerpen. Desalniettemin biedt de huidige stand van de discussie en de rechtspraak ruimte voor een alternatief. In § 4.12.1 wordt de onderlinge rechtsverhouding tussen hoofdelijk aansprakelijke schuldenaren gebruikt om nieuwe inzichten te formuleren. Deze inzichten worden toegepast vanuit een geconsolideerd perspectief. In § 4.12.2 wordt ingegaan op de begrenzing van de bestuursautonomie door het uitoefenen van centrale leiding en de betekenis daarvan bij het bepalen van de draagplicht. In § 4.12.3 volgt een uiteenzetting van het ijkmoment in relatie tot het machtscriterium en draagplichtbepaling.
4.12.1 De concernverhouding en een geconsolideerd perspectief4.12.2 Wie bepaalt, betaalt4.12.3 Het machtscriterium en het ijkmoment