De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/6.5.1.6:6.5.1.6 Autonomie en kwaliteitszorg
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/6.5.1.6
6.5.1.6 Autonomie en kwaliteitszorg
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949436:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld het Academisch Statuut uit 1988, Koninklijk Besluit van 23 juni 1988, Stb. 1988, 315.
Artikel 7.6 van de Whw (Stb. 1992, 593) en Louw 2011, p. 77.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Nieuw in de Whw ten opzichte van de Wwo is de nadruk op kwaliteitszorg en op autonomie van de instellingen voor hoger onderwijs. Deze dynamiek tussen kwaliteitszorg en autonomie komt voort uit de nota Hoger onderwijs: autonomie en kwaliteit (HOAK).1 In deze nota kwam de minister tot de conclusie dat de centrale aansturing door de overheid op het gebied van onder andere examens en het verzorgen van opleidingen losgelaten zou moeten worden. Van centrale aansturing was onder de WWO sprake middels het academisch statuut. Hierin werd uitgebreid uiteengezet welke opleidingen de bekostigde instellingen mochten aanbieden en uit welke vakken het examen diende te bestaan.2 Dit deel van het academisch statuut kwam te vervallen. In het vervolg zouden de instellingen autonomie krijgen om in beginsel zelf te bepalen welke opleidingen ze gingen aanbieden en hoe de examens en tentamens van deze opleidingen werden ingericht. Deze vorm van autonomie wordt ook wel de programmeervrijheid genoemd.
In de Whw is tevens aan het instellingsbestuur een zorgplicht opgelegd om te waarborgen dat diegene die een opleiding volgt die is gericht op een bepaald beroep, waarvoor bij of krachtens de wet vereisten zijn vastgesteld, in de gelegenheid wordt gesteld om aan deze vereisten te voldoen.3 Deze nieuwe regeling beoogde de instelling meer vrijheid te geven om de examens en tentamens in te richten. Er zouden meerdere manieren zijn om de beroepsvereisten in een opleiding te vertalen.4