Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving (SteR nr. 1) 2010/II.3.2.4:II.3.2.4 Splitsbaarheid van wettelijke voorschriften
Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving (SteR nr. 1) 2010/II.3.2.4
II.3.2.4 Splitsbaarheid van wettelijke voorschriften
Documentgegevens:
Joost Sillen, datum 01-07-2010
- Datum
01-07-2010
- Auteur
Joost Sillen
- JCDI
JCDI:ADS584891:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
U.S. Supreme Court januari 1829, 27 U.S. 492 (Bank of Hamilton v. Dudley’s Lessee), 526: ‘If any part of the act be unconstitutional, the provisions of that part may be disregarded while full effect will be given to such as are not repugnant to the constitution of the United States’. Vgl. U.S. Supreme Court 24 februari 1803, 5 U.S. 137 (Marbury v. Madison), waarin het Hof alleen de onrechtmatigheid uit van een deel van sectie 13 van de Judiciary Act of 1789 uitspreekt en niet van de gehele wet.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De federale rechter toetst, zoals hiervóór bleek, zowel de rechtmatigheid van de toepassing van een wettelijk voorschrift als de rechtmatigheid van het voorschrift zelf. Als hij tot de conclusie komt dat het voorschrift zelf onrechtmatig is, rijst de vraag voor welk deel van het voorschrift dat oordeel geldt: heeft bijvoorbeeld de onrechtmatigheid van een artikellid alleen gevolgen voor de toepasselijkheid van dat onderdeel van het voorschrift of leidt zij tot de onrechtmatigheid van de hele bepaling of zelfs het hele voorschrift? Ook het oordeel dat een toepassing van een voorschrift onrechtmatig is, leidt tot zulke vragen: staat die onrechtmatigheid op zichzelf of heeft zij tot gevolg dat een deel van het voorschrift onrechtmatig is en, zo ja, welk deel?
Naar Amerikaans federaal recht kan een onrechtmatig onderdeel van een voorschrift in beginsel van de rest van het voorschrift worden afgesplitst.1 Hetzelfde geldt voor een onrechtmatige toepassing van een voorschrift: ook zij leidt in beginsel niet tot de onrechtmatigheid van een deel van dat voorschrift. Op beide regels bestaan echter uitzonderingen.
II.3.2.4.1 Onsplitsbare wettelijke voorschriftenII.3.2.4.2 Severability Clauses