Einde inhoudsopgave
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/11.4.1
11.4.1 Verslaglegging en registratie bij het politieverhoor
Mr. Dr. M.J. Dubelaar, datum 01-12-2013
- Datum
01-12-2013
- Auteur
Mr. Dr. M.J. Dubelaar
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Voetnoten
Voetnoten
Komter 2001, p. 31. Haket laat eveneens zien hoe de communicatie in het verhoor mede afhangt van de vraag of de verbalisant mee typt of niet. In dat laatste geval wordt het verhoor op band opgenomen en nadien uitgewerkt (Haket 2007, p. 91-92).
Van Kampen 2011, p. 15 en Brouwer 2009, p. 201.
Huisman, Pranger & Steenwinkel 2007, p. 59.
Malsch, De Keijser & Rietdijk 2011, p. 1019.
Zie ook Stevens en Verhoeven 2010, p. 14.
Malsch e.a. 2010, p. 2405 en De Keijser e.a. 2012, p. 621-622.
Zie § 10.3.2.
Er zijn rechters die om die reden het overzichtsproces-verbaal overslaan.
Bij de politie is de ambtenaar die het verhoor afneemt meestal ook degene die de verklaring vastlegt in een proces-verbaal. Het verhoren en het typen vinden in de meeste gevallen gelijktijdig plaats. De getuige beantwoordt een bepaalde vraag, waarna het gegeven antwoord door de verhoorder op de computer – in ingedikte vorm – wordt ingetypt en eventueel aan de getuige wordt voorgelezen. Het tussentijds optekenen van de verklaring geschiedt niet alleen uit praktische overwegingen, maar heeft ook een functie bij het verhoren zelf. Het is voor de verhoorder een manier om het verhoor te structureren en eventueel bij de te horen persoon te toetsen of de verstrekte informatie goed is begrepen.1 Bij meer complexe verhoren is het gebruikelijk dat een collega van de verhorende persoon meeschrijft en proces-verbaal opmaakt. Hoewel de wet daartoe niet verplicht, wordt de getuige na afloop van het verhoor gevraagd zijn verklaring door te lezen en deze te ondertekenen.2 De getuige kan daarbij op- of aanmerkingen maken, die in het proces-verbaal kunnen worden verwerkt. Aangezien bij getuigenverhoren bij de politie in beginsel geen raadsman aanwezig is zoals in § 10.2.1.2 naar voren kwam, kan de getuige alleen zelf invloed uitoefenen op het proces van vastleggen van de verklaring. Deze invloed is echter beperkt, zoals hierna nog duidelijk zal worden.
De wet schrijft niet voor in welke vorm het proces-verbaal en de daarin neergelegde getuigenverklaring moet worden weergegeven. De wijze waarop de verklaring (zelf) wordt opgetekend, is in de praktijk onder meer afhankelijk van de complexiteit van het verhoor. Bij het merendeel van de verhoren wordt gekozen voor een ‘zakelijke verslaglegging’ in de vorm van een monoloog. In meer zware zaken of bij complexere verhoren (bijvoorbeeld van kwetsbare personen) gebruikt men echter steeds vaker de vraag- en antwoordvorm. Een letterlijke verslaglegging (inclusief alle haperingen, herhalingen en onafgemaakte zinnen) in de vorm van een transcriptie komt slechts bij hoge uitzondering voor. Dit geschiedt ook alleen als geluidsopnamen voorhanden zijn, die op een later moment kunnen worden uitgeluisterd en uitgewerkt (zie hierna). Men komt ook mengvormen tegen, waarin de vraag- en antwoordvorm en de zakelijke verslaglegging in de vorm van een monoloog worden gecombineerd. In dat geval wordt de vraag- en antwoordvorm ingedikt door alleen de hoofdvragen weer te geven.3 In feite behelzen de antwoorden dan ook een samenvatting. Het komt ook voor dat de vragen niet in die precieze bewoordingen zo zijn gesteld, maar dat deze achteraf zijn ingevoegd ter structurering van het betoog.4
De gekozen vorm is tevens afhankelijk van de persoon die de verklaring optekent.5 Malsch en collega’s hebben laten zien dat als verschillende politierechercheurs wordt gevraagd om proces-verbaal op te maken, zij dit allen op andere wijze doen. Zij kwamen tot deze bevinding nadat zij vijf rechercheurs hadden laten kijken naar een video-opname van een politieverhoor van een vrouw die wordt verdacht van winkeldiefstal en hen proces-verbaal hadden laten opmaken op een voor hen gebruikelijke wijze. De onderzoekers constateerden dat de processen-verbaal op een aantal punten sterk van elkaar verschillen, zoals de lengte van het proces-verbaal, het maken van opmerkingen door de verbalisant in de tekst en het al dan niet weergeven van de vragen en non-verbale uitingen.6 Het onderzoek zag op verdachtenverhoren, maar er is geen aanleiding om te veronderstellen dat het bij getuigenverklaringen anders ligt. Immers, voor de verslaglegging van getuigenverklaringen gelden geen bijzondere regels en de praktijk laat een grote diversiteit zien aan soorten processen-verbaal van getuigenverklaringen. Zoals in § 10.3.2 duidelijk werd dienen verhoren in meer ernstige strafzaken sinds 2010 ook verplicht op beelden geluidsdrager te worden geregistreerd. Er wordt in beginsel echter ook een proces-verbaal opgemaakt.7
Naast een proces-verbaal van een enkele verrichting of verhoor kent de politie overigens ook een zogenaamd overzichtsproces-verbaal (ook wel aangeduid als het relaas, ambtelijk verslag of loopproces-verbaal). In dit procesverbaal, dat zich bevindt aan het begin van een politiedossier, worden de hoofdlijnen van het opsporingsonderzoek en de in het dossier vervatte informatie opgenomen. De getuigenverklaringen worden hierin in sterk verkorte vorm weergegeven. Omdat het overzichtsproces-verbaal zich aan het begin van elk dossier bevindt, neemt de rechter hiervan als eerste kennis. De inhoud van dit proces-verbaal zal dus mede bepalend zijn voor diens beeldvorming.8