Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/620
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Ongerechtvaardigde verrijking. Erfrecht. Regresvordering van erfgenaam op nalatenschap wegens gedane investeringen in tot nalatenschap behorende woning. Vervolg op 18/02347.
HR 14-06-2024, ECLI:NL:HR:2024:882
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 juni 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh, K. Teuben
- Zaaknummer
23/01119
- Conclusie
A-G mr. E.M. Wesseling-van Gent
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Erfrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overige verbintenissen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:882, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑06‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:440, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 19‑04‑2024
Essentie
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Ongerechtvaardigde verrijking. Erfrecht. Regresvordering van erfgenaam op nalatenschap wegens gedane investeringen in tot nalatenschap behorende woning. Vervolg op 18/02347.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 23/01119
Datum 14 juni 2024
ARREST
In de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie, verweerder in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: [eiser],
advocaat: F.M. Dekker,
tegen
1. [verweerder 1],
wonende te [woonplaats],
2. [verweerder 2],
wonende te [woonplaats],
3. [verweerder 3],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie, eisers in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: [verweerder 1], ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.