Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/619
Verbintenissenrecht. Afgebroken onderhandelingen. Vergoeding kosten indien afbreken onderhandelingen niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is?; ongerechtvaardigde verrijking.
HR 14-06-2024, ECLI:NL:HR:2024:884
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 juni 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh, F.J.P. Lock, F.R. Salomons, G.C. Makkink
- Zaaknummer
23/01201
- Conclusie
A-G mr. T. Hartlief
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Verbintenissenrecht / Overige verbintenissen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:884, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑06‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:263, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑03‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 27‑03‑2023
- Wetingang
Essentie
Verbintenissenrecht. Afgebroken onderhandelingen. Vergoeding kosten indien afbreken onderhandelingen niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is?; ongerechtvaardigde verrijking.
Samenvatting
Ook als het afbreken van onderhandelingen niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, kunnen zich omstandigheden voordoen op grond waarvan de partij die de onderhandelingen afbreekt, verplicht is (een deel van) de kosten die de wederpartij heeft gemaakt te vergoeden (HR 18 juni 1982, NJ 1983/723, m.nt. C.J.H. Brunner (Plas/Valburg). Dat kan het geval zijn als de partij die de onderhandelingen afbreekt ongerechtvaardigd is verrijkt door werkzaamheden die de wederpartij heeft ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.