De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/5.8.7.2:5.8.7.2 Uitbreiding uitzondering naar opgaven
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/5.8.7.2
5.8.7.2 Uitbreiding uitzondering naar opgaven
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949579:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Stb. 1993, 581.
Stb. 1993, 690.
Kamerstukken II 1993/94, 23 258, nr. 5, p. 82 & Huisman e.a. 2018, p. 60.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Nadat de Algemene wet bestuursrecht door de Tweede en Eerste Kamer was aangenomen en in het Staatsblad is geplaatst1, is de Awb nog gewijzigd alvorens deze in werking trad.2 Hierbij is eveneens de ontwerpbepaling over het uitzonderen van beoordelingsbeslissingen gewijzigd. Aan de oorspronkelijke bepaling werd toegevoegd dat ook beoordelingsnormen of nadere regels voor examinering of toetsing zijn uitgezonderd van beroep.3 De uitzondering voor beoordelingsbeslissingen kwam daarmee als volgt te luiden:
e. inhoudende een beoordeling van het kennen of kunnen van een kandidaat of leerling die ter zake is geëxamineerd of op enigerlei andere wijze is getoetst dan wel inhoudende de vaststelling van opgaven, beoordelingsnormen of nadere regels voor die examinering of toetsing.
Uit de toelichting blijkt dat de wetgever met deze uitbreiding van de uitzondering heeft proberen te bewerkstelligen dat geen beroep ingesteld zou kunnen worden tegen besluiten inhoudende de vaststelling van opgaven, beoordelingsnormen of nadere regels voor de examinering of toetsing.4 Hieronder zou bijvoorbeeld ook het instellen van beroep over de toegestane hulpmiddelen bij examens vallen. Een dergelijk beroep zou volgens de wetgever niet wenselijk zijn omdat deze besluiten nauw verbonden zijn met de beoordeling van het kennen en kunnen van de leerling. Ook zou een uitspraak van de bestuursrechter lang na afloop van het examen tot grote praktische problemen kunnen leiden. Volgens de wetgever is het vrijwel ondoenlijk om dan nog de examens in het algemeen te herzien en zou dit de leerling die inmiddels aan een vervolgopleiding is begonnen voor grote problemen stellen.