De positie van de vennootschap onder firma
Einde inhoudsopgave
De positie van de vennootschap onder firma (IVOR nr. 97) 2016/3.2.4.3:3.2.4.3 Afgescheiden vermogen na ontbinding
De positie van de vennootschap onder firma (IVOR nr. 97) 2016/3.2.4.3
3.2.4.3 Afgescheiden vermogen na ontbinding
Documentgegevens:
mr. P.P.D. Mathey-Bal, datum 28-09-2015
- Datum
28-09-2015
- Auteur
mr. P.P.D. Mathey-Bal
- JCDI
JCDI:ADS384608:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Personenvennootschappen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het vennootschappelijk vermogen blijft na ontbinding van de VOF afgescheiden van de privévermogens van de vennoten.1Art. 3:192 BW bepaalt dat de tot de gemeenschap behorende schulden op de goederen van de gemeenschap kunnen worden verhaald. Hieruit volgt naar mijn mening dat de zaakscrediteur ook wanneer er meer vennootschappelijke gemeenschappen naast elkaar bestaan (als niet iedere vennoot in ieder goed een aandeel heeft) zich voor zijn vennootschappelijke schuld op ieder tot dat vermogen behorend goed kan verhalen, ongeacht de vraag welke vennoot in welke gemeenschap gerechtigd is.
In het bijzonder wanneer de VOF is ontbonden vanwege het faillissement van een vennoot blijkt in deze fase van de samenwerking het belang van het afgescheiden vermogen. Deze vennoot heeft immers onvoldoende middelen om al zijn schuldeisers te voldoen, zodat de zaakscrediteuren daadwerkelijk in een betere positie verkeren als zij vóór de privécrediteuren uit de vennootschappelijke goederen worden voldaan. De privécrediteuren zullen de verdeling van de vennootschappelijke gemeenschap af moeten wachten.2