De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/4.9.3.3:4.9.3.3 Het personeel in de medezeggenschap ten opzichte van het onderwijs en de examens
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/4.9.3.3
4.9.3.3 Het personeel in de medezeggenschap ten opzichte van het onderwijs en de examens
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949618:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Artikel 10 van de Wms.
Artikel 12 van de Wpo.
Artikel 9.33, eerste lid, van de Whw.
Artikel 13, eerste lid, onder p en q van de Wpo (Stb. 2022, 135).
Artikel 1, eerste lid, van het Eindexamenbesluit VO.
Artikel 8a.2.1 van de Web.
Artikel 8a.1.6 van de Web.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Met uitzondering van het middelbaar beroepsonderwijs en in bepaalde gevallen het hoger onderwijs, is de medezeggenschap van het personeel deels toegesneden op het bieden van medezeggenschap op zaken die direct verband houden met het onderwijs. In het primair en voortgezet onderwijs heeft de medezeggenschapsraad, bestaande uit de personeelsgeleding en de ouder- en/of leerlingenraad, instemmingsrecht op onder meer de onderwijskundige doelstellingen van de school, het schoolplan, de onderwijs- en examenregeling en het schoolreglement.1 Het personeel, waaronder de leraren, kan medezeggenschap uitoefenen op zaken die direct raken aan het onderwijs. In bijvoorbeeld het schoolplan dient het bevoegd gezag onder meer in te gaan op de kwaliteit van het onderwijs en het onderwijskundig beleid.2
Ook de Whw voorziet in specifieke op het onderwijs gerichte advies- en instemmingsrechten die aan het personeel en de studenten gezamenlijk toekomen. Zij hebben instemmingsrecht op onder meer het instellingsplan, het studentenstatuut en de vormgeving van het systeem van kwaliteitszorg.3 Als op het personeel in het hoger onderwijs de Wor van toepassing is voorziet de Whw in een beperkter aantal op het onderwijsgerichte aanvullende bevoegdheden; bijvoorbeeld instemmingsrecht op de vormgeving van het systeem van kwaliteitszorg.4
Naast het onderwijs in het algemeen heeft de medezeggenschap vaak ook rechten ten aanzien van specifiek het beleid omtrent de examens. In het primair onderwijs bestaat sinds 2023 de plicht om de wijze van totstandkoming van het schooladvies op te nemen in de schoolgids.5 Op de vaststelling van de schoolgids heeft de medezeggenschapsraad instemmingsrecht.6 Via deze weg kan dan ook invloed worden uitgeoefend op het proces omtrent de vaststelling van het schooladvies. Voor het voortgezet onderwijs is de betrokkenheid van de medezeggenschap bij de examinering ook geborgd. De medezeggenschapsraad heeft instemminsrecht op de Oer. Hoewel de Oer niet met zoveel woorden voorkomt in het voortgezet onderwijs, dient het bevoegd gezag wel een examenregeling vast te stellen.7 De examenregeling bestaat uit het examenreglement en het Pta. De medezeggenschapsraad heeft instemmingsrecht op de vaststelling of wijziging hiervan.8
Indien niet de Wor maar de Whw van toepassing is op het personeel in het hoger onderwijs, heeft de personeelsgeleding als onderdeel van de medezeggenschaps- of universiteitsraad instemmingsrecht op grote delen van de OER. Deze instemmingsrechten rusten in het geval van een universiteit op het niveau van de faculteitsraad en de opleidingscommissie en bij een hogeschool op het niveau van de medezeggenschapsraad en de opleidingscommissie. Het instemmingsrecht op de verschillende delen van de Oer is dan ook verdeeld over verschillende medezeggenschapsorganen. De opleidingscommissie heeft via de Oer instemmingsrecht op het vaststellen of wijzigen van de inhoud van de opleiding en de daaraan verbonden examens.9 Ook heeft de opleidingscommissie de taak om de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de Oer jaarlijks te beoordelen.10 De faculteitsraad van een universiteit en de medezeggenschapsraad van een hogeschool hebben daarnaast bijvoorbeeld instemmingsrecht op of tentamens mondeling, schriftelijk of op een andere wijze worden afgelegd.11
In het middelbaar beroepsonderwijs wijkt de medezeggenschap van het personeel af van de andere onderwijssectoren ten aanzien van zaken die raken aan het onderwijs en de examens. De personeelsgeleding in het middelbaar beroepsonderwijs maakt niet samen met een ouder- of leerlingengeleding deel uit van de medezeggenschapsraad. Op de personeelsgeleding in het middelbaar beroepsonderwijs is de Wor van toepassing en is op grond van die wet gevat in een ondernemingsraad. Die raad heeft geen directe advies- of instemmingsrechten die zien op het onderwijs of de examens. De Wor is een algemene wet voor de medezeggenschap in bedrijven en de overheid en voorziet daarom niet in specifieke op het onderwijs of examens gerichte advies- of instemmingsrechten. De Web bevat wel een aantal aanvullende rechten voor de ondernemingsraad in het middelbaar beroepsonderwijs. Zo vergaderen de studentenraad en de ondernemingsraad tenminste tweemaal per jaar gezamenlijk met het bevoegd gezag om de algemene gang van zaken in de instelling te bespreken.12 Aan dat overleg is echter geen advies of instemmingsrecht verbonden. Wel vloeit uit de Web voort dat de ondernemingsraad, net als de studentraad, instemmingsrecht heeft op de hoofdlijnen van de begroting.13 Het personeel in het middelbaar beroepsonderwijs heeft evenwel beduidend minder mogelijkheden om inspraak uit te oefenen op beleid omtrent het onderwijs en de examens dan het personeel in de andere onderwijssectoren.