De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV
Einde inhoudsopgave
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/11.5.2:11.5.2 Toekenning aan eenieder
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/11.5.2
11.5.2 Toekenning aan eenieder
Documentgegevens:
mr. K. Spruitenburg, datum 01-08-2018
- Datum
01-08-2018
- Auteur
mr. K. Spruitenburg
- JCDI
JCDI:ADS378211:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de Smit Transformatoren-beschikking is tevergeefs aangevoerd dat het enquêterecht slechts aan ‘derden’ toegekend kan worden, dat wil zeggen buiten de rechtspersoon staande (rechts)personen en organen. De toekenning van het enquêterecht aan de ondernemingsraad van Smit Transformatoren zou volgens deze stelling in strijd met (het systeem van) de wet zijn. De OK oordeelde dat voor een dergelijke uitleg echter noch in de tekst van art. 2:346 BW noch in het doel en de strekking van die bepaling steun te vinden is.1
Inmiddels is duidelijk dat ook de wetgever geen bezwaar heeft tegen het toekennen van de enquêtebevoegdheid aan de ondernemingsraad. Bij de totstandkoming van de wetswijziging van het enquêterecht in 2013 refereert de minister expliciet aan de mogelijkheid de bevoegdheid toe te kennen aan de (Europese) ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging.2 Uit de daaraan voorafgaande wetsgeschiedenis blijkt evenmin dat de wetgever een beperking oplegt ten aanzien van de kring van (rechts)personen waaraan de enquêtebevoegdheid verleend kan worden. Integendeel, reeds in het Ontwerp 1910 benadrukt minister Nelissen dat hij de praktijk “geen onnodige banden wil opleggen” en daarom in de wet een benaming heeft opgenomen die alle belanghebbenden omvat.3
Het is volgens mij dus evengoed mogelijk om de enquêtebevoegdheid op elk gewenst moment aan een individuele bestuurder, commissaris of aandeelhouder toe te kennen.4 Zo is in de Inter Access-beschikking het enquêterecht niet alleen aan de raad van commissarissen toegekend, maar ook aan ieder van zijn leden. Een enkele commissaris was dus bevoegd om (buiten de raad van commissarissen om) een enquêteverzoek indienen. In de Smit Transformatoren-beschikking is de enquêtebevoegdheid niet alleen toegekend aan de ondernemingsraad, maar daarnaast ook aan de voorzitter van de ondernemingsraad. Kennelijk werd gevreesd of aan de ondernemingsraad als zodanig wel procesbevoegdheid zou toekomen.5