Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort
Einde inhoudsopgave
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/7.6:7.6 Administratieplicht in het kader van de derde anti-misbruikwet
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/7.6
7.6 Administratieplicht in het kader van de derde anti-misbruikwet
Documentgegevens:
mr. drs. C.M. Harmsen , datum 01-07-2019
- Datum
01-07-2019
- Auteur
mr. drs. C.M. Harmsen
- JCDI
JCDI:ADS180241:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Uit de parlementaire geschiedenis bij de totstandkoming van artikel 2:138 lid 2/2:248 lid 2 BW blijkt dat (aanmerkelijk) minder discussie is gevoerd over de administratieplicht als fundamentele bestuursverplichting waarvoor de zware sanctie van artikel 2:138 lid 2/2:248 lid 2 BW zou gaan gelden dan over de openbaarmakingsplicht van artikel 2:394 BW. Feit is dat de minister van Justitie veel woorden heeft moeten wijden aan de rechtvaardiging van deze zware sanctie voor bestuurders die de verplichting tot het voeren van de administratie en het openbaar maken van de jaarrekening niet naleven.
7.6.1 Bestrijding van misbruik van rechtspersonen7.6.2 Schuldige verwaarlozing van de bestuurstaak7.6.3 Administratieplicht ook relevant voor bonafide bestuurders7.6.4 Wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen