Het budgetrecht van het Nederlandse parlement
Einde inhoudsopgave
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/4.3.3.2:4.3.3.2 Tussenconclusie
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/4.3.3.2
4.3.3.2 Tussenconclusie
Documentgegevens:
mr. M. Diamant, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. M. Diamant
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de eerste plaats worden in de eerste fase van het Europees Semester EU-brede beleidsprioriteiten vastgesteld waar de lidstaten rekening mee dienen te houden bij het opstellen van de nationale rapportages. Deze beleidsprioriteiten worden vastgesteld door de Europese Raad, op aanbeveling van de Commissie, die de jaarlijkse groeianalyse vaststelt. Tegelijkertijd worden de aanbevelingen voor de eurozone gepubliceerd door de Commissie, die later door de Raad worden vastgesteld, zodat de nationale lidstaten beter rekening kunnen houden met de eurozone dimensie bij de presentatie van hun plannen. In de tweede plaats vindt in deze eerste fase van het Europees Semester een identificatie plaats van de lidstaatspecifieke (macro)-economische situatie en eventuele macro-economische onevenwichtigheden in het landrapport door de Commissie. De Commissie speelt een grote rol in deze fase. De rapportages en aanbevelingen van de Commissie zijn leidend bij het vaststellen van de EU- en eurozone-brede prioriteiten door de (Europese) Raad. Om deze landenspecifieke economische analyses uit te voeren en eventuele problemen te identificeren voert de Commissie bovendien toezichtmissies uit naar de lidstaten en houdt de Commissie bilaterale bijeenkomsten met de lidstaten. Het economisch toezicht wordt bovendien uitgevoerd op basis van de economische prognoses van de Commissie. Een afwijking van deze prognoses dient te worden uitgelegd door de lidstaten.
Het Europees Parlement en de nationale parlementen zijn in deze fase op verschillende momenten en manieren betrokken bij het Europees Semester. Het Europees Parlement voert op verschillende momenten een economische dialoog met leden van de Commissie, de voorzitter van de Raad en de voorzitter van de Eurogroep. Deze dialogen vinden zowel op reguliere als ad hoc basis plaats. Daarnaast vinden er ook een tweetal interparlementaire bijeenkomsten plaats. Zowel voorafgaand aan de publicatie van de jaarlijkse groeianalyse als hierna. Tijdens deze bijeenkomsten wisselen het Europees Parlement en de nationale parlementen informatie en best practises uit over de implementatie van het Europees Semester. Het Europees Parlement neemt de resultaten van de interparlementaire bijeenkomst aan het begin van het jaar mee bij het vaststellen van de resolutie over de jaarlijkse groeianalyse. Het Europees Parlement heeft echter niet de bevoegdheid om deel te nemen aan de besluitvorming over de jaarlijkse groeianalyse.
Doordat de landenspecifieke analyses in februari worden uitgebracht en niet zoals voorheen in maart (diepgaande analyse) en mei (economische analyse van de lidstaat), kunnen de nationale belanghebbenden, zoals de sociale partners en de nationale parlementen, eerder betrokken worden bij de voorbereiding van de landenspecifieke aanbevelingen en kunnen zij deze resultaten meenemen bij het vaststellen van de nationale rapportages.