Voorlopige voorzieningen en dwangregeling in het schuldsaneringsrecht
Einde inhoudsopgave
Voorlopige voorzieningen en dwangregeling in het schuldsaneringsrecht (R&P nr. InsR6) 2015/6.3.4.8:6.3.4.8 Verwijzing en voeging wegens litispendentie of connexiteit (art. 285 Rv)
Voorlopige voorzieningen en dwangregeling in het schuldsaneringsrecht (R&P nr. InsR6) 2015/6.3.4.8
6.3.4.8 Verwijzing en voeging wegens litispendentie of connexiteit (art. 285 Rv)
Documentgegevens:
mr. B.J. Engberts, datum 01-01-2015
- Datum
01-01-2015
- Auteur
mr. B.J. Engberts
- JCDI
JCDI:ADS621483:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Schuldsanering natuurlijke personen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Deze bepaling zal in procedures ingevolge art. 287 lid 4, 287a en 287b niet worden toegepast omdat daaraan geen behoefte bestaat.
In het KEI-wetsvoorstel wordt het mogelijk gemaakt dat in de procesinleiding zowel een verzoek als een vordering wordt ingediend. (art. 30b lid 1 Rv ontwerp). Deze wijziging kan in theorie gevolgen hebben voor de procedures van art. 287 lid 4, 287a en 287b doordat in de desbetreffende verzoeken tevens een vordering wordt ingesteld. Een verzoek ex art. 287 lid 4 betreffende een beslaglegging kan wellicht gedaan worden in combinatie met een vordering ex art. 438 Rv. De insolventierechter kan dan tevens als executierechter optreden. Een ander voorbeeld kan zijn dat bij een verzoek ex art. 287a tevens een verklaring voor recht aangaande de hoogte van de vordering van de nietinstemmende schuldeiser wordt ingesteld. De insolventierechter treedt dan tevens op als handelsrechter of kantonrechter. Problematisch is echter dat ingevolge art. 30b lid 2 Rv (ontwerp) de bepalingen van de vorderingsprocedure in beginsel van toepassing zijn. Voorts is van belang dat ter zake van het verzoek geen griffierecht is verschuldigd en geen verplichte procesvertegenwoordiging bestaat, terwijl dit bij een vordering (kantonzaken daargelaten) in beginsel wel het geval is. Vooralsnog lijkt een combinatie van een verzoek ex art. 287a en b met een vordering niet voor de hand te liggen.