Einde inhoudsopgave
RvdW 2023/727
Verbintenissenrecht. Misbruik van omstandigheden (art. 3:44 BW); onredelijk hoge erfpachtcanon bedongen bij omzetting tijdelijke erfpacht in voortdurende?
HR 23-06-2023, ECLI:NL:HR:2023:963
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 juni 2023
- Magistraten
Mrs. T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons
- Zaaknummer
22/00008
- Conclusie
plv. P-G mr. M.H. Wissink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Goederenrecht / Genotsrechten
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:963, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑06‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:88, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 20‑01‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 03‑01‑2022
- Wetingang
Art. 3:44 BW
Essentie
Verbintenissenrecht. Misbruik van omstandigheden (art. 3:44 BW); onredelijk hoge erfpachtcanon bedongen bij omzetting tijdelijke erfpacht in voortdurende?
Samenvatting
Misbruik van omstandigheden in de zin van art. 3:44 lid 4 BW is aanwezig als iemand die weet of moet begrijpen dat een ander door bijzondere omstandigheden wordt bewogen tot het verrichten van een rechtshandeling, het tot stand komen van die rechtshandeling bevordert, ofschoon hetgeen hij weet of moet begrijpen hem daarvan zou behoren te weerhouden. Bij de beoordeling of dat zich voordoet, komt het aan op alle omstandigheden die een rol hebben gespeeld bij de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.