Het pre-insolventieakkoord
Einde inhoudsopgave
Het pre-insolventieakkoord 2016/10.14:10.14 Wanneer is het akkoord aangenomen?
Het pre-insolventieakkoord 2016/10.14
10.14 Wanneer is het akkoord aangenomen?
Documentgegevens:
N.W.A. Tollenaar, datum 16-10-2016
- Datum
16-10-2016
- Auteur
N.W.A. Tollenaar
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Volgens artikel 372 lid 2 van het Voorontwerp is het akkoord aangenomen, indien alle klassen van stemgerechtigde schuldeisers en aandeelhouders ermee hebben ingestemd.
Volgens het derde lid van dit artikel heeft een klasse van stemgerechtigde schuldeisers of aandeelhouders met het akkoord ingestemd indien: (i) de gewone meerderheid van de tot die klasse behorende en aan de stemming deelnemende schuldeisers en aandeelhouders vóór het akkoord heeft gestemd (meerderheid in aantal of head count) en (ii) die meerderheid ten minste twee derden vertegenwoordigt van het bedrag aan vorderingen van de aan de stemming deelnemende schuldeisers dan wel twee derden van het gedeelte van het geplaatste kapitaal dat de aan de stemming deelnemende aandeelhouders vertegenwoordigen (meerderheid in bedrag).
De formulering van deze meerderheidseis lost het zogenaamde absenteïsme probleem van artikel 145 Fw op omdat zowel voor de bepaling van de meerderheid in aantal als voor de bepaling van de meerderheid in bedrag in de noemer slechts de crediteuren en het bedrag van de rechten van de crediteuren meetellen die daadwerkelijk aan de stemming hebben deelgenomen. Het zal dus niet kunnen voorkomen dat de vereiste meerderheid niet wordt gehaald door het enkele feit dat onvoldoende crediteuren aan de stemming hebben deelgenomen.
Het zou een gemiste kans zijn indien het Voorontwerp de eis van een meerderheid in aantal (head count) inderdaad zou handhaven. De head count zou moeten worden afgeschaft. Zie hierover uitgebreider paragraaf 8.8.1 hiervoor. Volgens de Toelichting zouden de “voorgeschreven meerderheden aansluiten bij de voorwaarden die gebruikt worden in de modellen van de Loan Market Association (LMA), die internationaal bekend zijn en doorgaans bij financieringen gebruikt worden.”1 Dit is onjuist. De internationale LMA standaard vereist in de regel slechts een twee derde meerderheid in bedrag en kent geen head count. Het is inderdaad wenselijk hierbij aan te sluiten.2
Volgens artikel 372 lid 5 van het Voorontwerp is het de aanbieder van het akkoord zelf die een verslag van de uitslag van de stemming opstelt. Dit stelt een groot vertrouwen in de aanbieder van het akkoord. Hoewel het niet nodig is dit wettelijk voor te schrijven, zal een schuldenaar er doorgaans goed aan doen een notaris met de verslaglegging van de stemuitslag te belasten om verdenkingen van manipulatie te voorkomen. De uitslag van de stemming moet achteraf, bij de behandeling van de algemeen verbindend verklaring, controleerbaar zijn. De informatie die het verslag op grond van artikel 372 lid 5 van het Voorontwerp moet bevatten, is daartoe onvoldoende. Naast de namen van degenen die hebben gestemd, zou het verslag ook moeten vermelden hoe de stemgerechtigden hebben gestemd en voor welk bedrag. Indien de stemmen schriftelijk zijn uitgebracht, zouden deze schriftelijke stukken (op verzoek) ter controle beschikbaar moeten zijn.3
Overigens verwijst artikel 372 lid 6 van het Voorontwerp naar artikel 370, tweede lid, onderdeel m. Artikel 370, tweede lid van de consultatieversie van het Voorontwerp kent echter geen onderdeel m.