Biases in de boardroom en de raadkamer
Einde inhoudsopgave
Biases in de boardroom en de raadkamer (VDHI nr. 160) 2020/2.3.3.1:2.3.3.1 Inleiding
Biases in de boardroom en de raadkamer (VDHI nr. 160) 2020/2.3.3.1
2.3.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. drs. C.F. Perquin-Deelen, datum 20-11-2019
- Datum
20-11-2019
- Auteur
mr. drs. C.F. Perquin-Deelen
- JCDI
JCDI:ADS169274:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Groupthink moet worden onderscheiden van group polarization. Waar group polarization tot gevolg heeft dat een groepsbeslissing wegschuift van het gemiddelde gaat groupthink met name in op de negatieve uitkomsten van een groepsbeslissing. Groupthink gaat meestal niet in op de originele individuele positie, in tegenstelling tot group polarization.1 De term groupthink werd voor het eerst geïntroduceerd door Janis in 1971 naar aanleiding van onderzoek naar enkele grootschalige Amerikaanse fiasco’s, zoals de escalatie van de Vietnam oorlog en de aanslag op Pearl Harbor. Hier was geen sprake van stupiditeit van de betrokkenen. Integendeel, het waren ‘one of the greatest arrays of intellectual talent in the history of American government’.2 Het ging mis onder invloed van groupthink. Dit is het fenomeen waarbij een groep zo gericht is op consensus en overeenstemming, dat de groep daardoor de overweging van realistische alternatieven overslaat. Het is bijvoorbeeld de neiging van een groep reeds bekende feiten, strategieën en meningen te bespreken in plaats van aandacht te schenken aan de feiten en de meningen die hun originele standpunt tegenspreken. Dit wordt willful blindness genoemd.3