Einde inhoudsopgave
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/5.3.4
5.3.4 Hoge Raad
S.B. Cornielje, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
S.B. Cornielje
- JCDI
JCDI:ADS412091:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Tot de wetswijziging van 17 juni 1998, Stb. 1998, 350 was in de Nederlandse wet een tekstueel van de Btw-richtlijn afwijkende bepaling opgenomen op basis waarvan bij overdracht van een onderneming of een deel daarvan aan degene die de onderneming of het deel daarvan voortzet wordt, met inachtneming van door Onze Minister te stellen voorwaarden, ter zake van de leveringen en diensten, welke die overdracht vormen geen belasting geheven. De Hoge Raad bepaalde dat deze bepaling niet anders diende te worden uitgelegd dan de overgang van een algemeenheid van goederen in de Zesde richtlijn. Zie HR 4 februari 1987, nr. 23 945, BNB 1987/147.
In de jurisprudentie van de Hoge Raad met betrekking tot de toepassing van artikel 37d Wet OB 1968 en zijn voorgangers,1 die deels verschenen is voor het Zita Modes-arrest en het Christel Schriever-arrest komt het onderscheid tussen de object- en subjectbenadering eveneens aan het licht. Uit deze rechtspraak is naar mijn idee op te maken dat de Hoge Raad naar aanleiding van het arrest Zita Modes meer een objectbenadering is gaan volgen. Dit zou aansluiten bij mijn analyse dat de voormalige (wettekst tot 1998) Nederlandse ‘overdracht van een onderneming’ meer moet worden gezien als subject gedreven regeling dan de Unierechtelijke ‘overgang van een algemeenheid van goederen’. Geheel eenduidig is de rechtspraak van de Hoge Raad echter niet. Ik toon dit aan door een aantal arresten van de Hoge Raad op dit punt te analyseren. Deze zaken onderstrepen voorts de gevolgen die de keuze voor de objectbenadering of d subjectbenadering heeft voor het toepassingsbereik van de geruisloze overgang bij activa-passiva-transacties.
5.3.4.1 Hoge Raad inzake overdracht zwembad I5.3.4.2 Hoge Raad inzake overdracht zwembad II5.3.4.3 Hoge Raad inzake hotelinventaris5.3.4.4 Hoge Raad inzake bruingoedconcern en visrokerij5.3.4.5 Hoge Raad inzake caravanbedrijf