Natrekking door onroerende zaken
Einde inhoudsopgave
Natrekking door onroerende zaken (O&R nr. 94) 2016/6.10:6.10 Aangrenzend
Natrekking door onroerende zaken (O&R nr. 94) 2016/6.10
6.10 Aangrenzend
Documentgegevens:
P.J. van der Plank, datum 01-05-2016
- Datum
01-05-2016
- Auteur
P.J. van der Plank
- JCDI
JCDI:ADS490437:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Bijzondere onderwerpen
Goederenrecht / Eigendom, bezit en houderschap
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De horizontale eigendomsgrens van een grondstuk ligt daar, waar de rechtstoestand wijzigt. Hieruit kan afgeleid worden dat kadastrale percelen aangrenzend moeten zijn, om één eigendomsrecht te vormen.
Ik ben mij ervan bewust dat over dit vereiste van aangrenzend zijn gediscussieerd kan worden. Waarom zou men bijvoorbeeld niet kunnen stellen dat uit elkaar gelegen grondstukken die dezelfde rechtstoestand hebben tezamen één eigendomsrecht vormen? Bijvoorbeeld: X heeft een stuk grond met daarop een huis. Aan de overkant van de openbare weg heeft hij een stuk grond met daarop een garage. Beide heeft hij in volle eigendom. Men zou kunnen betogen dat het stuk grond met het huis er op en de aan de overkant van de weg gelegen garage, die beide in volledig eigendom toebehoren aan X (en derhalve dezelfde rechtstoestand hebben), één eigendomsrecht vormen. En X deze tezamen kan bezwaren met één recht van hypotheek. Pas als X één van beide zou bezwaren met een beperkt recht, of één van beide zou overdragen aan een derde, verandert de rechtstoestand, waardoor het eigendomsrecht gesplitst wordt. Systematisch gaat hier echter niet mijn voorkeur naar uit. Allereerst omdat het naar mijn mening indruist tegen het rechtsgevoel. Wellicht is het bij dicht bij elkaar gelegen onroerende zaken nog te verdedigen dat zij één eigendomsrecht vormen, maar het wordt mijns inziens anders als deze verder uit elkaar liggen. Stel dat X een stuk grond in eigendom heeft in Amsterdam en tevens eigenaar is van een stuk grond in Zeeland, is dit dan één eigendomsrecht? Tevens is nergens uit de openbare registers een eventuele samenhang tussen uit elkaar gelegen grondstukken af te leiden. Daarbij wordt het weer een ander verhaal als het ene stuk grond niet in Zeeland ligt, maar in bijvoorbeeld Spanje. Het aannemen dat uit elkaar gelegen grondstukken één eigendomsrecht zouden kunnen vormen, is het aannemen dat er met betrekking tot grond een soort algemeenheid van goederen bestaat. De Parlementaire Geschiedenis noch de verkeersopvatting biedt mijns inziens hiervoor aanknopingspunten.