De acting in concert-regeling inzake het verplicht bod op effecten
Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/9.3.6.4:9.3.6.4 Overleg en de verplichting tot vooroverleg
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/9.3.6.4
9.3.6.4 Overleg en de verplichting tot vooroverleg
Documentgegevens:
J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS370005:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze terminologie hanteert Nieuwe Weme 2004.
Naar Italiaans recht wordt in dit geval onweerlegbaar vermoed dat er sprake is van acting in concert (zie § 5.6.2.2 sub I). In andere landen is hierover discussie. Zie voor België: De Wulf 2008, p. 58-59 en Peeters 2007, p. 104 e.v.
Zie over vermoedens van onderling overleg naar Nederlands recht uitgebreid hoofdstuk 11.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Overleg tussen aandeelhouders wordt een nuttige rol toegedicht in de corporate governance van beursvennootschappen (zie eerder uitgebreid § 2.4 en 7.4.3.3). Een belangrijke vraag is derhalve of en zo ja wanneer overleg tot een biedplicht kan leiden.
I. Overleg
Ondanks dat de wettelijke regeling (en de richtlijn) spreekt van onderling overleg, leidt overleg tussen aandeelhouders op zichzelf nog niet tot een overeenkomst inzake de uitoefening van stemrechten. Om misverstanden te voorkomen had wellicht de term onderlinge overeenstemming de voorkeur verdiend.1
Als vast komt te staan dat partijen overleg hebben gevoerd kan dat wel mede aanleiding geven tot een feitelijk vermoeden van afstemming (zie § 9.4.3), maar enkel in combinatie met andere omstandigheden. Bijkomende omstandigheden kunnen bijvoorbeeld zijn dat aandeelhouders na dit overleg ook hetzelfde stembeleid zijn gaan voeren, waarvoor het voorafgaande overleg de enige verklaring zou kunnen zijn (zie ook § 9.4.4).
II. Vooroverleg
Een overeenkomst die partijen verplicht voorafgaand aan iedere aandeelhoudersvergadering bijeen te komen om standpunten uit te wisselen levert op zichzelf geen acting in concert op. Dat is anders indien daarnaast afspraken worden gemaakt over de uitoefening van het stemrecht, zoals de afspraak om te stemmen conform het door een meerderheid van de aanwezigen op de voorvergadering ingenomen standpunt. Datzelfde geldt indien partijen weliswaar formeel geen verder strekkende afspraken hebben gemaakt dan het verplichte vooroverleg, maar de facto wel degelijk ook afspraken hebben gemaakt over de uitoefening van het stemrecht (zie nader § 9.3.5).
Hier kan worden tegengeworpen dat de verplichting tot vooroverleg geen ander doel kan hebben dan het afstemmen van het stemrecht. Vermoedelijk is om deze reden in Italië voor een onweerlegbaar vermoeden van onderling overleg gekozen in dit geval.2 ,3 Mij gaat dat te ver. De verplichting tot vooroverleg mondt niet noodzakelijk uit in de verplichting hetzelfde te stemmen. Of dat laatste het geval is, moet aan de hand van alle omstandigheden worden beoordeeld.