Onwaardigheid
Einde inhoudsopgave
Onwaardigheid (AN nr. 182) 2023/6.3.1:6.3.1 Overeenkomsten
Onwaardigheid (AN nr. 182) 2023/6.3.1
6.3.1 Overeenkomsten
Documentgegevens:
mr. M. de Vries, datum 01-09-2023
- Datum
01-09-2023
- Auteur
mr. M. de Vries
- JCDI
JCDI:ADS859081:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Beide rechtsstelsels vangen aan met het sanctioneren van de bloedige hand. Het ombrengen van de erflater levert onwaardigheid op. Hierbij strekt de onwaardigheid zich in beide landen uit tot de dader, mededader en medeplichtige alsmede de poging een dergelijk feit te plegen. De Belgische regeling lijkt ruimer, omdat het opzet niet op het ombrengen gericht hoeft te zijn, terwijl artikel 4:3 lid 1 sub a BW dat wel vordert. Dit verschil wordt echter gelijk getrokken door de tweede onwaardigheidsgrond in Nederland. Daaronder valt bijvoorbeeld mishandeling met de dood tot gevolg en verkrachting met de dood tot gevolg.
België kent daarnaast de mogelijkheid om aan een aantal specifieke delicten de bijkomende sanctie van onwaardigheid te verbinden. Indien deze delicten naar Nederlands recht met een maximum van ten minste vier jaren vrijheidsstraf worden bedreigd, leidt het hier te lande ook tot onwaardigheid. Te denken valt aan verkrachting of de zwaardere varianten van mishandeling.