Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1039
Art. 416 lid 2 Sv na veroordeling t.z.v. telen van hennep (art. 3 onder B Opiumwet), aanwezig hebben van hennep (art. 3 onder C Opiumwet) en uitkeringsfraude (art. 227b Sr). Ontvankelijkheid hoger beroep, (‘screenshot’ van voorpagina van) appelschriftuur aan cassatieschriftuur gehecht. Kon hof (enkelvoudige kamer) oordelen dat door of namens verdachte geen schriftuur houdende grieven is ingediend en dat verdachte mede daarom ex art. 416 lid 2 Sv n-o wordt verklaard in h.b., nu hof geen acht heeft geslagen op inhoud van het door raadsvrouw verzonden document waarin (kennelijk) grieven zijn opgenomen en dat (deels) aan cassatieschriftuur is gehecht? HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Aan cassatieschriftuur is ‘screenshot’ van voorpagina van appelschriftuur van raadsvrouw gehecht. Die appelschriftuur is gestempeld door griffie Rb. Aan herkomst van het in cassatie overgelegde document behoeft redelijkerwijs niet te worden getwijfeld. Daaraan doet niet af dat hof bij brief heeft medegedeeld dat appelmemorie met datumstempel zich niet in dossier van hof bevindt. Uit (aanvullende) cassatieschriftuur is immers op te maken dat het gaat om afbeelding van digitaal dossier van Rb. Op afbeelding is ook in bovenbalk van digitale applicatie een van de in eerste aanleg gehanteerde parketnummers te zien. Aan cassatieschriftuur gehecht document wekt ernstig vermoeden dat hof de verdachte achteraf bezien ten onrechte n-o heeft verklaard in zijn h.b. Uit dat stuk volgt immers dat er wel appelschriftuur is ingediend waarop hof (ervan uitgaande dat daarin grieven zijn geformuleerd) acht had moeten slaan. Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 23/03145 P (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, betrokkene n-o).
HR 16-09-2025, ECLI:NL:HR:2025:1301
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 september 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, C. Caminada
- Zaaknummer
23/03144
- Conclusie
A-G mr. M.E. van Wees
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1301, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑09‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:898, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 26‑08‑2025
Essentie
Art. 416 lid 2 Sv na veroordeling t.z.v. telen van hennep (art. 3 onder B Opiumwet), aanwezig hebben van hennep (art. 3 onder C Opiumwet) en uitkeringsfraude (art. 227b Sr). Ontvankelijkheid hoger beroep, (‘screenshot’ van voorpagina van) appelschriftuur aan cassatieschriftuur gehecht. Kon hof (enkelvoudige kamer) oordelen dat door of namens verdachte geen schriftuur houdende grieven is ingediend en dat verdachte mede daarom ex art. 416 lid 2 Sv n-o wordt verklaard in h.b., nu hof geen acht heeft geslagen op inhoud van het door raadsvrouw verzonden document waarin (kennelijk) ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.