Einde inhoudsopgave
Bijzonder ontslagprocesrecht (MSR nr. 67) 2015/8.5.5
8.5.5 Advies
Mr. D.M.A. Bij de Vaate, datum 30-12-2014
- Datum
30-12-2014
- Auteur
Mr. D.M.A. Bij de Vaate
- JCDI
JCDI:ADS354721:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Rechtspleging van onderscheiden aard
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
Voetnoten
Voetnoten
Eén week voor de gewone opzegging en drie dagen voor de opzegging wegens een dringende reden. Vgl. Hesse 2012a, §§ 620-630 BGB Rn. 163; Bader 2000, p. 62.
§ 102 Abs. 2 BetrVG.
Hunold 2010, p. 798.
Thüsing 2014, § 102 BetrVG Rn. 94.
Vgl. Thüsing 2014, § 102 BetrVG Rn. 95.
BAG 12 maart 1987, AP BetrVG 1972 § 102 Nr. 47; Thüsing 2014, § 102 BetrVG Rn. 97; Hesse 2012a, §§ 620-630 BGB Rn. 164; Bader 2000, p. 62.
In geval van een auβerordentliche Kündigung bedraagt de termijn drie dagen.
Thüsing 2014, § 102 BetrVG Rn. 98-99 en 105; Hesse 2012a, §§ 620-630 BGB Rn. 165. De termijnberekening loopt via §§ 187, 188, 193 BGB. Zie daarover meer uitgebreid: Thüsing 2014, § 102 BetrVG Rn. 100-102.
Zonder de nietigheidssanctie van § 102 Abs. 1 BetrVG. Vgl. Thüsing 2014, § 102 BetrVG Rn. 111.
Hesse 2012a, §§ 620-630 BGB Rn. 172; Thüsing 2014, § 102 BetrVG Rn. 113; Bader 2000, p. 62.
Preis 2012a, p. 764.
De raadplegingsprocedure van § 102 Abs. 1 BetrVG wordt afgesloten door een advies (abschlieβende stellungnahme) van de Betriebsrat of door verloop van de in § 102 Abs. 2 BetrVG genoemde termijn.1 Alvorens de Betriebsrat tot een advies komt, kan besloten worden om de betrokken werknemer te horen.2
In een advies kan de Betriebsrat expliciet goedkeuring verlenen aan, dan wel bedenkingen uiten tegen, de voorgenomen opzegging.3 Dit laatste doet zich onder meer voor indien de Betriebsrat de opzegging widersprecht (zie hierover paragraaf 8.5.6). Voor het verlenen van goedkeuring gelden geen vormvoorschriften. Dit kan mondeling zonder opgave van redenen plaatsvinden.4 Dit geldt niet voor het uiten van bedenkingen. Heeft de Betriebsrat bedenkingen tegen de voorgenomen opzegging, dan bepaalt § 102 Abs. 2 BetrVG dat deze bedenkingen schriftelijk onder opgave van redenen aan de werkgever moeten worden medegedeeld.5 Naast het expliciet geven van goedkeuring aan, dan wel bedenkingen uiten tegen de voorgenomen opzegging, is er ook sprake van een afsluitend advies indien de Betriebsrat te kennen geeft niet van zijn adviesrecht gebruik te willen maken.6
De termijn waarbinnen de Betriebsrat een advies moet geven bedraagt ingevolge § 102 Abs. 2 BetrVG één week.7 Heeft de Betriebsrat niet binnen die geldende termijn een afsluitend advies gegeven, dan wordt de Betriebsrat geacht goedkeuring verleend te hebben aan de opzegging.8
Eerst na het afsluiten van de raadplegingsprocedure van § 102 BetrVG is de werkgever in staat om de werknemer rechtsgeldig9 op te zeggen.10 Daarbij geldt dat de werkgever niet gebonden is aan het advies van de Betriebsrat. Ook al heeft de Betriebsrat bezwaren geuit tegen de voorgenomen opzegging, of de voorgenomen opzegging zelfs widersprochen, de werkgever is en blijft vrij om de arbeidsovereenkomst met de werknemer op te zeggen.11 Dit betekent echter niet dat het advies van de Betriebsrat in een dergelijk geval geheel zonder gevolgen is.