Einde inhoudsopgave
Instellingen voor collectieve belegging in effecten (O&R nr. 119) 2020/5.5.1
5.5.1 Belang van de deelnemers
mr. drs. J.E. de Klerk, datum 01-02-2020
- Datum
01-02-2020
- Auteur
mr. drs. J.E. de Klerk
- JCDI
JCDI:ADS193535:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
Van Damme (1985), p. 30. Zie ook paragraaf 6.4.2.
Art. 14 lid 1 sub a en b Icbe-Richtlijn.
Bij haar advies aan de Europese Commissie over de implementatie van de AIFM-Richtlijn stelde ESMA zich op het standpunt dat het onwenselijk is om het begrip billijke behandeling ook te definiëren voor abi-beheerders. Voornaamste reden hiervoor is dat de vraag of er sprake is van een billijke behandeling afhangt van alle omstandigheden van de situatie. Een definitie van dit begrip zou kunnen leiden tot een te beperkte handelsruimte voor toezichthouders (ESMA/2011/379, p. 35-39).
Art. 22 lid 1, tweede alinea Icbe-Uitvoeringsrichtlijn 2010/43.
ESMA34-43-296, overweging 8.
Zetzsche en Eckner (2015), paragraaf 5.2.1.3.
Art. 22 lid 4 Icbe-Uitvoeringsrichtlijn 2010/43.
Art. 22 lid 2 Icbe-Uitvoeringsrichtlijn 2010/43.
Al sinds de eerste Icbe-Richtlijn komt het belang van de deelnemer naar voren. Icbe-Richtlijn I kende de verplichting voor beheerders (en bewaarders) om uitsluitend in het belang van de deelnemers te handelen.1 Die verplichting was destijds opgenomen om de onafhankelijkheid tussen de beheerder en de bewaarder te benadrukken en had zodoende een hele andere connotatie dan de bepaling in de huidige Icbe-Richtlijn.2
In de huidige Icbe-Richtlijn is opgenomen dat beheerders zich op een loyale en billijke wijze en met de nodige bekwaamheid, zorgvuldigheid en toewijzing dienen in te zetten voor de belangen van de icbe’s die zij beheren.3 Deze begrippen zijn geen van allen gedefinieerd, wel zijn de begrippen verder ingevuld met nadere bepalingen.4
In ieder geval wordt hiermee bedoeld dat de belangen van de ene groep van deelnemers niet boven de belangen van een andere groep deelnemers mogen worden geplaatst.5 Dit is een zwaardere verplichting dan de verplichting die rust op abi-beheerders.6 Abi-beheerders mogen onder strikte voorwaarden wel de belangen van de ene groep deelnemers boven die van een andere groep plaatsen. Dit dient dan te zijn opgenomen in de statuten of het reglement en deze voorkeursbehandeling dient niet te leiden tot een materieel nadeel voor andere beleggers. De strikte verplichting die rust op icbe-beheerders houdt niet in dat er geen verschillen mogelijk zijn in kosten voor verschillende groepen deelnemers. Zo onderkent ESMA expliciet het bestaan van deze verschillen.7 Zetzsche en Eckner geven als voorbeeld van verschillende behandeling het verstrekken van meer informatie aan de ene dan aan de andere deelnemer.8 Dat is voor beheerders van icbe’s niet toegestaan.
Voorts mogen er geen onnodige kosten worden aangerekend aan de icbe’s en hun deelnemers.9 Een vergelijkbare verplichting rust op beheerders van abi´s.10 In overweging 18 van Icbe UitvoeringsRichtlijn 2010/43 wordt overmatige handel als voorbeeld aangehaald. Tot slot moeten beheerders gedragsregels en procedures toepassen om wanpraktijken te voorkomen waarvan redelijkerwijze mag worden aangenomen dat ze de stabiliteit en de integriteit van de markt ongunstig beïnvloeden.11 Hiermee doelt de regelgever onder andere op market timing en late trading.12