25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid
Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/11.7:11.7 Het mensbeeld van de Wet maatschappelijke ondersteuning: de Wmo-mens
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/11.7
11.7 Het mensbeeld van de Wet maatschappelijke ondersteuning: de Wmo-mens
Documentgegevens:
prof. mr. L. Damen, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
prof. mr. L. Damen
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Tollenaar 2016, p. 27, 47, 51; A. Tollenaar, ‘Empathie in het sociaal domein’, RegelMaat 2018/3, p. 133-143.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 gaat volgens Albertjan Tollenaar uit van de beleidstheorie van de humane rechtsbetrekking: ‘Door de burger centraal te stellen ontstaat iets wat men zou kunnen definiëren als de humane rechtsbetrekking: de rechtsbetrekking waarin het bestuur zich niet laat leiden door regels, maar door de problematiek van de burger die zich tot het bestuur wendt met een hulpvraag.’
Inmiddels is het nodige bekend over de wijze waarop gemeentelijke bestuursorganen hun nieuwe taken en bevoegdheden hebben ingevuld, en hoe de bestuursrechters daarop hebben gereageerd. Ongetwijfeld is in een aantal gevallen op basis van een serieuze individuele indicatie een geïndividualiseerd pakket aan voorzieningen, dus maatwerk aangeboden. Het beeld is echter dat er vaak niet veel terecht is gekomen van de humane rechtsbetrekking doordat wordt gewerkt met generiek beleid en met veel slecht onderbouwde indicaties. Volgens Tollenaar staat – mede als gevolg van bezuinigingsdoelstellingen – dan niet de burger met al zijn noden centraal. Verder wordt regelmatig de doelstelling van het keukentafelgesprek vertroebeld; van een humane rechtsbetrekking komt dan niets terecht.1
De Wmo-mens, de zelfredzame burger, is al snel als niet realistisch ontmaskerd. Zie ook het rapport ‘Weten is nog geen doen’ van de WRR over het bij veel burgers ontbreken van ‘doenvermogen’.