Einde inhoudsopgave
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/4.3.1.2
4.3.1.2 Definitie algemene voorlichting en inlichtingen
Mr. dr. T.A. Cramwinckel, datum 29-07-2022
- Datum
29-07-2022
- Auteur
Mr. dr. T.A. Cramwinckel
- JCDI
JCDI:ADS661246:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Organisatie Belastingdienst
Voetnoten
Voetnoten
BNB 1979/311; BNB 2022/10, r.o. 4.2.1. Over (de relevantie van) het onderscheid met toezeggingen zie bijv. Hof 's-Hertogenbosch 14 oktober 2021, nr. 20/00591, V-N 2022/2.22.8, r.o. 4.4.
BNB 1988/148, r.o. 4.2. Vgl. HR 3 januari 1990, nr. 26 325, BNB 1990/148, r.o. 4.4 (over algemene voorlichting, toelichting en inlichtingen): ‘uitlatingen als vervat in de onderhavige Toelichting op het aangiftebiljet en geuit in een telefoongesprek met een ambtenaar van de belastingadministratie’; ‘uitlatingen waarin slechts algemene voorlichting wordt gegeven ter vergemakkelijking van het invullen van een aangiftebiljet en om telefonisch ingewonnen inlichtingen bij de belastingadministratie’); BNB 2010/314, r.o. 3.3.3 (‘een voor algemeen gebruik opgesteld aanvraagformulier waarin voorlichting wordt gegeven in verband met de invulling van dat formulier’).
HR 29 januari 2021, nr. 20/01427, BNB 2021/76, r.o. 2.4.2.
BNB 2022/10, r.o. 4.2.1-4.2.5.
Zie conclusie Staatsraad A-G Wattel 20 maart 2019, nr. 201802496/2/A1 p. 12. Zie paragraaf 3.4 over het palet aan voorlichting van de Belastingdienst.
HR 25 april 2003, nr. 37977, V-N 2003/25.3, r.o. 4.13 van de Hofuitspraak: ‘Uitlatingen van de 'Belastingtelefoon' zijn (…) in het algemeen slechts aan te merken als inlichtingen en niet als de inspecteur bindende toezeggingen); zie ook HR 16 mei 2008, nr. 42151, BNB 2008/200, r.o. 3.5, punt 4.6 van de conclusie van A-G van Ballegooijen (‘informatieverstrekking’) en r.o. 4.9.4 van de hofuitspraak. Vgl. HR 18 september 2020, nr. 19/03974, V-N 2020/45.3 (r.o. 2.5.2: ‘informatie van de website van de Belastingdienst’; A-G Niessen spreekt in de conclusie, punt 4.4 van ‘meer algemene inlichtingen’). Zie ook Hof Arnhem-Leeuwarden 9 juni 2015, nr. 14-01118, V-N 2015/40.18.7, r.o. 4.4: ‘uitlatingen op de website van de Belastingdienst aan te merken als voorlichting’.
BNB 2010/314, r.o. 3.3.3.
De Hoge Raad omschrijft inlichtingen als ‘reacties op een verzoek van een belastingplichtige om inlichtingen aangaande de inhoud van wettelijke, dan wel andere door de fiscus in acht te nemen algemene regels’.1 Voor wat betreft algemene voorlichting hanteert de Hoge Raad een minder vastomlijnde definitie. Zo wordt algemene voorlichting in het arrest BNB 1988/148 met betrekking tot de toelichting op het aangiftebiljet omschreven als ‘uitlatingen die niet als een toezegging of goedkeuring zijn op te vatten doch waarin slechts algemene voorlichting wordt gegeven ter vergemakkelijking van het invullen van een aangiftebiljet’.2 Recenter duidt de Hoge Raad informatie op de website als ‘toelichting op de website van de Belastingdienst’3 en wordt op de website van de Belastingdienst gepubliceerde informatie gekwalificeerd als algemene voorlichting.4
Een uitgebreidere omschrijving van algemene voorlichting en inlichtingen geeft Staatsraad A-G Wattel:
‘Onder (individuele of algemene) inlichtingen vallen onder meer toelichtingen bij aangifteformulieren, de informatie op de website van de desbetreffende belastingdienst, publieksfolders, individuele inlichtingen verstrekt door de belastingtelefoon, aan het loket, in correspondentie of in persoon ten kantore van de Belastingdienst of tijdens een boekenonderzoek, en alle andere uitlatingen die passen in de voorlichtende en informerende taak van de heffende overheid.’5
Typerend in de geciteerde omschrijving is dat niet zozeer een concrete definitie wordt gegeven, maar worden voorbeelden genoemd van uitingen die onder voorlichting vallen. Een dergelijke aanpak is ook te zien in de jurisprudentie. Vaak worden bepaalde ‘uitlatingen’, ‘uitingen’, ‘informatie’ of ‘mededelingen’ – niet zelden zonder nadere motivering – gekwalificeerd als algemene voorlichting of inlichtingen.6 Een voorbeeld biedt BNB 2010/314, waarin zowel een formulier als een mededeling op het aanslagbiljet worden gekwalificeerd als voorlichting:
‘(…) het middel betoogt dat geen sprake is van een bewuste standpuntbepaling van de fiscus dan wel van een toezegging, doch slechts van een (mogelijk onjuiste) inlichting. Dit onderdeel slaagt. In het onderhavige geval gaat het om een voor algemeen gebruik opgesteld aanvraagformulier waarin voorlichting wordt gegeven in verband met de invulling van dat formulier. (…) Het voorgaande geldt evenzeer voor de mededeling op het aanslagbiljet dat (...). Ook daarbij is slechts sprake van algemene voorlichting.’7
Bovendien wordt de kwalificatie ‘voorlichting’ vaak gerelateerd aan de context waarbinnen de informatieverstrekking plaatsvindt, zoals de wijze waarop de informatie wordt aangeboden (brochure, website, etc.; paragraaf 2.5.1, 4.3.1.3, 4.5.1, 4.6.1). Daarbij komt wel aan de orde dat het gaat om uitingen die de Belastingdienst doet in het kader van zijn voorlichtende taak. Hier speelt de (door de rechter veronderstelde) bedoeling van de Belastingdienst ook een significante rol (paragraaf 4.3.2.6).