Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/6.12.4
6.12.4 Kabinetsnotitie 2005/Wijzigingswet 2006
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS977085:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Wet van 27 april 2006, Stb. 2006, nr. 251/6.1 en Besluit van 22 december 2006, houdende wijziging van het Inrichtingsbesluit W.V.O., Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.v.b.o., en Besluit staatsexamens vwo-havo-mavo 2000 in verband met wijziging van de wettelijke bepalingen over de tweede fase havo en vwo, Stb. 2007, nr. 24.
Vgl. P. van Lange, ’Levensbeschouwing is verplichte kost’, Trouw 13 april 2021, p. 18 en K. Waaijman, Spiritualiteit. Vormen, grondslagen, methoden, Kampen: Kok 2000, p. 47 e.v.
Vgl. Sj. de Jong, ‘Waarden hoeven we niet te delen. De toekomst wel’, NRC 4 februari 2006, p. 17.
J. van der Kooij & S. Miedema, ’Eindexamen godsdienst doen, kan dat eigenlijk wel?’, Trouw 22 juni 2006.
J. Peschar e.a., Scholen voor burgerschap. Naar een kennisbasis voor burgerschapsonderwijs, Antwerpen: Garant 2010, p. 9 (Voorwoord: ‘Niettemin hecht de samenleving hieraan veel belang’, stellen Peschar e.a. die de noodzaak benadrukken van socialisatie en kwalificatie van leerlingen tot participerende burgers in een democratische rechtsstaat).
Bij Kamerbrief van 19 juli 2005 is maatschappijleer 2 omgezet in maatschappijwetenschappen met het sociaalwetenschappelijk curriculum van maatschappijleer-‘oude stijl’ (Kamerstukken II 2004/05, 26233); vgl. Voorhang Besluit van 22 december 2006, Stb. 2007, nr. 24, houdende wijziging van het Inrichtingsbesluit W.V.O., Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.m.a.v.o.-v.b.o., en Besluit staatsexamens vwo-havo-mavo 2000 in verband met wijziging van de wettelijke bepalingen over de tweede fase havo en vwo (Kenmerk WJZ/2007/2578 (3803). De Wet van 2 juli 1997, Stb. 1997, nr. 322, inzake profielen voortgezet onderwijs is ingetrokken. In 2007 is het curriculum van het vak management & organisatie gewijzigd: boekhouden en recht zijn afgevoerd.
Vermeulen 2007, p. 72.
Examenprogramma geschiedenis, Enschede: SLO 2009.
Besluit Kerndoelen Basisonderwijs 1998, Stb. 1998, nr. 354 ingevolge de artikelen 9 lid 2d jo lid 5 Wpo; Besluit vernieuwde kerndoelen WPO 2005, Stb. 2005, nr. 551 en Besluit van 7 juni 2006, Stb. 2006, nr. 316 ingevolge artikel 11b Wvo.
De term longitudinaal staat in Nieuwe onderwijsvormen voor 5- tot 13- á 14-jarigen, Groningen: Wolters 1968, p. 74; E. de Corte e.a., Beknopte didaxologie, Groningen: Wolters 1976, p. 141 (curriculum development).
Vgl. H. Teunissen, ’Doorlopen & hardlopen’, M & P 2015, p. 30.
Zie: T. van Haperen, ’School heeft geen tijd voor levenslessen (Economie-onderwijs)’, Trouw, 13 januari 2004 (‘Elk maatschappelijk probleem werd een apart vak’); J. van der Burgt, ’Reanimeren is topsport. Invoeren van reanimatielessen op school’, Schooljournaal 2014, 15, 4 oktober 2014.
Vgl. J. Chaudron, ‘Wet op burgerschapsles ontneemt scholen vrijheid’, Trouw 20 juli 2019, p. 5.
Raad van Europa, EDC-project, European year of Citizenship through Education, 2005.
Kamerstukken II 2004/05, 29666, nr. 6.
Vgl. Chaudron 2019, p. 5.
Besluit Commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon 29 augustus 2005, BOA/2005/37330, Stcrt. 2005, nr. 168, p. 52; Rapport van de Commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon, delen A en B: entoen.nu, de canon van Nederland (commissie-Van Oostrom), Den Haag: OCW 2006; vgl. Nationale geschiedenis. ’Bedenker Canon: Niet bang zijn stekker eruit te trekken’, Trouw 24 augustus 2018, p. 12.
Advies Raad van State, Stcrt. 2009, nr. 103.
Besluit van 29 april 2009, Stb. 2009, nr. 223.
Handelingen II 2008/09, p. 7942-7944; vgl. Commentaar, ‘Laat herijking van de ’Canon van Nederland’ het begin zijn van inspirerende zoektocht’, NRC 15 juni 2019, p. 110.
Ibid., p. 110.
Ibid., p. 110.
Commissie-Kennedy, Open vensters voor onze tijd. De Canon van Nederland herijkt, Utrecht 2020.
Kamerbrief met beleidsreactie van minister Van Engelshoven op het rapport-Kennedy van 25 juni 2020 (Kamerstukken II 2019/20, 32820, nr. 248).
Maatschappelijke oriëntatie waaronder levensbeschouwingen
De kabinetsnotities Continuïteit en vernieuwing tweede fase havo/vwo (2003) en Ruimte laten en keuzes bieden in de tweede fase havo en vwo (2005) vormen een opmaat voor een wetsvoorstel (2005) burgerschapsvorming onder te brengen bij maatschappijleer op vmbo en in de tweede fase vwo/havo (Bijlage XVIh).1 De kabinetsnotitie 2003 geeft het belang van maatschappelijke orientatie aan, waaronder begrepen de levensbeschouwingen.2 Burgerschapsvorming omvat volgens het kabinet het aandacht besteden aan de problemen van de cultureel-pluriforme democratische samenleving: ‘Kennis van de levensbeschouwingen en de reflectie op de gedeelde basiswaarden en -normen vormen onderdeel van maatschappelijke oriëntatie.’3 De scholen kunnen kiezen voor godsdienst of humanistiek, ‘waarmee de overheid traditioneel geen inhoudelijke bemoeienis heeft’.4
Maatschappelijke oriëntatie 2005: geen doorlopende leerlijn, geen kennisbasis
Hoewel velen het belang van burgerschapsvorming onderschrijven5, wordt in 2005 maatschappelijke oriëntatie ondergebracht bij maatschappijleer6, terwijl het bij leerlingen veelal ontbreekt aan basiskennis over politiek. In 2006 is de Wet bevordering actief burgerschap en sociale integratie ingevoerd met open noties (als ‘multiculturalisme’) die weinig houvast bieden.7 Voorts zijn voor burgerschapsvorming in 2009 de (eindtermen in de) examenprogramma’s van geschiedenis en maatschappijleer gewijzigd.8 Burgerschap is vastgelegd in de kerndoelen voor de vakken geschiedenis en maatschappijleer.9 Dit alles laat echter onverlet dat, zonder kennisbasis en doorlopende leerlijn10, sprake blijft van onsamenhangende burgerschapsvorming.11
Bevordering van actief burgerschap niet voldoende
De gerichtheid van het onderwijs op de bevordering van actief burgerschap, sociale integratie en het kennismaken met elkaars achtergronden en culturen, wat doelbepalingen tot uitdrukking brengen12, is niet voldoende.13 Vanwege de in hoofdstuk 11 te bespreken vrijheid van onderwijs (artikel 23 Gw) is het maatwerk om de wet in te voeren.14 De kabinetsnotitie (2005) leidt in 2006, tevens het Europese jaar van de burgerschapsvorming15, tot het onderbrengen van maatschappelijke oriëntatie bij het vak maatschappijleer.16 Staatsinrichting en de curricula van het vak geschiedenis en maatschappijleer vormen mede de kern. Het valt desondanks te betwijfelen of de longitudinale burgerschapsvorming ooit de eindstreep haalt.17
Canon van Nederland 2006/Canon van Nederland herijkt 2020
In 2006 verzoekt minister Van der Hoeven (CDA) de commissie-Van Oostrom een canon van Nederland te ontwerpen die opvolger Plasterk (PvdA) als kerndoel wil vastleggen.18 Een Kamermeerderheid wijst dit af en stelt de canon, op advies van de Raad van State, niet verplicht. De reden is de inbreuk op de vrijheid van inrichting (artikel 23 Gw).19 De canon is voor schoolgebruik méér dan een ‘inspiratiebron’20 en kan als illustratie bij het vak geschiedenis en staatsinrichting dienen.21 Een aanpassing van het curriculum door aandacht te besteden aan de Canon van Nederland (2006) acht Vermeulen niet problematisch ‘zolang nationalisme en aanmatiging worden vermeden’.22 De staat is binnen constitutionele marges gerechtigd met de onderschrijving van de ‘minima moralia’ om positieve houdingen van loyaliteit, compassie en broederschap bij burgers te doen ontstaan die nodig zijn voor de instandhouding van een morele gemeenschap.23 In 2019 gaat de commissie-Kennedy de Canon van Nederland herijken. Het rapport Open vensters voor onze tijd. De Canon van Nederland herijkt komt in 2020 uit.24 Van de vijftig thema’s (‘vensters’) is een aantal gewijzigd. De commissie heeft in 2020 aan minister Van Engelshoven (D66) voorstellen gedaan voor een herijkte Canon. De positieve kabinetsreactie volgt op 25 juni 2020.25