Einde inhoudsopgave
Voor risico van de ondernemer (O&R nr. 142) 2023/8.5.3.4
8.5.3.4 Organisatieplicht
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden, datum 01-06-2023
- Datum
01-06-2023
- Auteur
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS713239:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Par. 6.4.4.
Rb. Breda 16 januari 2012, ECLI:NL:RBBRE:2012:BV1481; Rb. Oost-Brabant 10 december 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:7334, r.o. 3.4; Rb. Noord-Holland 21 maart 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:2596, r.o. 2.12. Vgl. Hof ’s-Hertogenbosch 17 oktober 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:4532, r.o. 3.7.1.
Rb. Overijssel 7 september 2016, ECLI:NL:RBOVE:2016:3592, r.o. 2.23.
Rb. Oost-Brabant 10 december 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:7334, r.o. 3.4; Rb. Midden-Nederland 30 december 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:9661, r.o. 4.6; Rb. Noord-Holland 21 maart 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:2596, r.o. 2.12;
Rb. Midden-Nederland 21 juni 2017, ECLI:NL:RBMNE:2017:3055, r.o. 5.13.
Rb. Midden-Nederland 30 december 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:9661, r.o. 4.6
Rb. Noord-Holland 21 maart 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:2596, r.o. 2.13. Vgl. ook: ECLI:NL:RBOBR:2015:7334, r.o. 3.6.
Rb. Oost-Brabant 10 december 2015, ECLI:NL:RBMNE:2017:3055, r.o. 5.13.
Rb. Overijssel 7 september 2016, ECLI:NL:RBOVE:2016:3592: r.o. 2.23.
De organisatieplicht ziet op de plicht om organisatiemaatregelen te nemen.1 Organisatiemaatregelen zijn voorzorgsmaatregelen, die specifiek zijn toegesneden op organisaties. Het gaat dan om het houden van toezicht binnen de organisatie, het instrueren van personeel, het maken van deugdelijke planningen en roosters en het hebben van controlemechanismen. In de lagere rechtspraak zijn enkele voorbeelden hiervan gevonden.
In verscheidene procedures over valpartijen in supermarkten en winkels voerde de gedaagde supermarkt of winkelier aan voldoende voorzorgsmaatregelen te hebben genomen. Zo verwees de gedaagde naar instructies aan het personeel om vloeren schoon te houden en gevallen producten direct op te ruimen.2 Een vergelijkbaar verweer werd gevoerd in een zaak over letselschade door glas op een dansvloer in een bar.3 Daarnaast werd in een aantal zaken door gedaagde verwezen naar het bestaan van schoonmaakprotocollen.4 Tot slot voerde een zwembadexploitant in een procedure betreffende een valpartij van een zwembadglijbaan aan voldoende maatregelen te hebben genomen, omdat er een toezichtplan in werking was en dit kenbaar was bij het personeel. De zwembadexploitant betoogde dat dit toezichtplan mondeling was medegedeeld aan het personeel en dat er memo’s op het terrein waren opgehangen.5
Opmerkelijk is dat in al deze zaken het verweer dat voldoende organisatiemaatregelen zijn genomen, niet slaagt. Zo overweegt de rechtbank Midden-Nederland in 2015 dat de rechtbank slechts in algemene zin een beeld had gekregen van het schoonmaakbeleid, maar dat niet is gebleken of het schoonmaakbeleid daadwerkelijk werd nageleefd.6 In een zaak over een supermarktongeval, oordeelt de rechtbank Noord-Holland in 2018 dat niet van de supermarkt kan worden verwacht dat elk risico van een val wordt uitgesloten. Er waren weliswaar veiligheidsmaatregelen van kracht (zoals een schoonmaakprotocol), maar volgens de rechtbank is dit niet afdoende, omdat schade alsnog is opgetreden zonder dat duidelijk is geworden hoe dit heeft kunnen gebeuren en zonder dat extra veiligheidsmaatregelen zijn getroffen. Zo had de supermarkt het gevaar – water en groenteresten – direct moeten zien en had er een waarschuwingsbord kunnen worden geplaatst, hetgeen is nagelaten.7 Ook in de zaak betreffende het zwembadongeval, bood de verwijzing naar het toezichtplan geen soelaas. Volgens de rechtbank Midden-Nederland is niet gebleken dat personeel specifiek is geïnstrueerd om bedacht te zijn op het specifieke gevaar – het gevaar dat ontstaat doordat iemand knielend van een glijbaan naar beneden gaat – maar enkel op algemene gevaren.8 Tot slot blijkt uit de zaak betreffende het letsel op een dansvloer dat het enkele instrueren van personeel niet voldoende is om onder aansprakelijkheid uit te komen. De rechtbank oordeelt namelijk dat niet is gebleken dat de instructies zijn opgevolgd, omdat getuigen hebben verklaard dat zij nooit hebben gemerkt dat de dansvloer werd schoongemaakt. Bovendien bleek uit verschillende getuigenverklaringen dat bezoekers vaker letsel hadden als gevolg van glas dat op de dansvloer lag.9