Niet-betaling in de btw
Einde inhoudsopgave
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/3.3.1:3.3.1 Annulering, verbreking en ontbinding
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/3.3.1
3.3.1 Annulering, verbreking en ontbinding
Documentgegevens:
dr. mr. B.G.A. Heijnen, datum 01-03-2018
- Datum
01-03-2018
- Auteur
dr. mr. B.G.A. Heijnen
- JCDI
JCDI:ADS495721:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Omzetbelasting / Algemeen
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In voorgaande paragraaf heb ik aan de hand van een taalkundige analyse vastgesteld dat een onderscheid tussen de categorieën annulering, verbreking en ontbinding niet eenvoudig kan worden gemaakt. Het komt mij voor dat voor de uitleg van de bepaling juist daarom moet worden gekeken naar de algemene opzet en doelstelling van de bepaling. De arresten HvJ Almos, HvJ NLB Leasing en HvJ Lombard spelen daarbij een belangrijke rol. Deze arresten zal ik separaat en in chronologische volgorde behandelen (paragrafen 3.3.1.1-3.3.1.3). Tevens sta ik stil bij H3g, een aanvankelijk bij het HvJ aanhangig gemaakte, maar later ingetrokken, zaak (paragraaf 3.3.1.4). Het is niet mijn bedoeling om de genoemde zaken op detailniveau te bespreken. Ik ga enkel in op punten die van belang zijn voor de duiding van de in art. 90 lid 1 Btw-richtlijn opgenomen categorieën. Ik rond af in paragraaf 3.3.1.5.
3.3.1.1 Almos-arrest3.3.1.2 Het NLB Leasing-arrest3.3.1.3 Het Lombard-arrest3.3.1.4 De zaak H3g3.3.1.5 Slotsom