Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/538
Feitelijke aanranding van eerbaarheid door in supermarkt een klant te betasten en vast te pakken, art. 246 (oud) Sr. 1. Bewijsklacht. Kon hof gebruik maken van foto als zelfstandig bewijsmiddel? 2. Innerlijke tegenstrijdigheid bewijsvoering. Is voor bewijs gebruikte verklaring van aangeefster dat verdachte haar bij haar kont pakte in strijd met inhoud van p-v van bevindingen waarin camerabeelden worden beschreven? 3. Strafmotivering (taakstraf van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis, waarvan 40 uren, subsidiair 20 dagen, voorwaardelijk). Kon hof bij strafoplegging rekening houden met niet tlgd. feiten? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 31-03-2026, ECLI:NL:HR:2026:513
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
31 maart 2026
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.L.J. van Strien, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
24/04490
- Conclusie
A-G mr. D.J.C. Aben
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:513, Uitspraak, Hoge Raad, 31‑03‑2026
ECLI:NL:PHR:2026:96, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 20‑01‑2026
Essentie
Feitelijke aanranding van eerbaarheid door in supermarkt een klant te betasten en vast te pakken, art. 246 (oud) Sr. 1. Bewijsklacht. Kon hof gebruik maken van foto als zelfstandig bewijsmiddel? 2. Innerlijke tegenstrijdigheid bewijsvoering. Is voor bewijs gebruikte verklaring van aangeefster dat verdachte haar bij haar kont pakte in strijd met inhoud van p-v van bevindingen waarin camerabeelden worden beschreven? 3. Strafmotivering (taakstraf van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis, waarvan 40 uren, subsidiair 20 dagen, voorwaardelijk). Kon hof bij strafoplegging rekening houden met niet tlgd. feiten? HR: art. 81 lid 1 RO.