Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/545
Art. 416 lid 2 Sv na veroordeling t.z.v. eendaadse samenloop van openlijke geweldpleging (art. 141 lid 1 Sr) en medeplegen zware mishandeling (art. 302 lid 1 Sr). Ontvankelijkheid hoger beroep, tekst van (bijsluiter van) dagvaarding in h.b. Kon hof het door verdachte ingestelde h.b. na rolzitting n-o verklaren, nu dagvaarding in h.b. inhoudt dat zaak niet inhoudelijk zou worden behandeld maar dat inhoudelijke behandeling op nadere tz. zou plaatsvinden? HR: art. 81 lid 1 RO. CAG gaat in op ontvankelijkheid van cassatieberoep (art. 432 lid 2 Sv).
HR 07-04-2026, ECLI:NL:HR:2026:555
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 april 2026
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, C. Caminada, T.B. Trotman
- Zaaknummer
24/03688
- Conclusie
A-G mr. D.J.M.W. Paridaens
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:555, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑04‑2026
ECLI:NL:PHR:2026:84, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 27‑01‑2026
Essentie
Art. 416 lid 2 Sv na veroordeling t.z.v. eendaadse samenloop van openlijke geweldpleging (art. 141 lid 1 Sr) en medeplegen zware mishandeling (art. 302 lid 1 Sr). Ontvankelijkheid hoger beroep, tekst van (bijsluiter van) dagvaarding in h.b. Kon hof het door verdachte ingestelde h.b. na rolzitting n-o verklaren, nu dagvaarding in h.b. inhoudt dat zaak niet inhoudelijk zou worden behandeld maar dat inhoudelijke behandeling op nadere tz. zou plaatsvinden? HR: art. 81 lid 1 RO. CAG gaat in op ontvankelijkheid van cassatieberoep (art. 432 lid 2 Sv).