RvdW 2026/526:Economische zaak. Medeplegen opzettelijk op Nederlandse markt brengen van niet-toegestane gewasbeschermingsmiddelen door rechtspersoon, meermalen gepleegd (art. 20 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden), valsheid in geschrift begaan door rechtspersoon, meermalen gepleegd (art. 225 lid 1 Sr) en medeplegen valsheid in geschrift begaan door rechtspersoon, meermalen gepleegd (art. 225 lid 1 Sr). 1. Bewijsklachten overtreding art. 20 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Kon hof oordelen dat bij kwekerij inbeslaggenomen bruine papieren zak (met inhoud van 20 kilo) afkomstig is van (mede)verdachte, nu die blijkens factuur 15 kilo van product heeft geleverd? 2. Gebruik van analyseresultaten van monsters voor bewijs in het licht van recht op eerlijk proces a.b.i. art. 6 EVRM. Verweer dat resultaten van onderzoek van bewijs moeten worden uitgesloten, omdat verdachte niet mogelijkheid heeft gehad om tegenonderzoek te laten verrichten, en dat gehanteerde meetmethode onvoldoende betrouwbaar is. 3. Bewijsklacht valsheid in geschrift. 4. Bewijsklacht medeplegen valsheid in geschrift. Verweer dat enkele mededeling van medeverdachte dat op zakken de tekst ‘Bitoxybacillin’ stond, bewezenverklaring niet kan dragen. HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/527 en RvdW 2026/528.