Einde inhoudsopgave
Cessie (O&R nr. 70) 2012/III.4.2.3.6
III.4.2.3.6 Achtergestelde (limited recourse) lening van de originator
mr. M.H.E. Rongen, datum 01-10-2011
- Datum
01-10-2011
- Auteur
mr. M.H.E. Rongen
- JCDI
JCDI:ADS356399:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Algemeen
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. Wood 2007a, nr. 7-027.
Vgl. Fitch Ratings, Structured Finance, EMEA cash RMBS structural overview, May 2009, p. 5. Het is tegenwoordig echter meer gebruikelijk dat het reserve fund wordt gevoed met ‘excess spread’ en/of met de opbrengst van de emissie van een specifiek daarvoor gecreëerde achtergestelde effectenklasse. Deze effectenklasse kan worden gehouden door de originator of een derde-investeerder. Het is mogelijk dat het reserve fund wordt gevoed met zowel een achtergestelde lening van de originator als een gedeelte van de opbrengst van de emissie van ABS. De achtergestelde lening van de originator dient dan als credit enhancement voor de meest achtergestelde effectenklasse waarvan de opbrengst eveneens in het reserve fund is gestort.
Zie nr. 321.
Het reserve fund valt dan volledig vrij. Zie Fitch Ratings, Structured Finance, EMEA cash RMBS structural overview, May 2009, p. 5 en p. 6.
Zie nr. 304.
De achterstelling is onderdeel van de in de trustakte opgenomen ‘priority of payments’, zie hiervoor: nr. 139 onder (iv).
De mate waarin de achterstelling van de geldlening credit enhancement biedt, wordt bepaald door de grootte van de hoofdsom van de lening, alsmede door de precieze strekking van de achterstellingen. Zie voor de verschillende vormen van achterstellingen: Ferran 1992a, p. 172.
Zie ook: nr. 139 onder (vi).
Zie § II.13.
Zie § II.3.1.5.
Zie de artikelen 3 en 7 Regeling securitisaties Wft 2010, alsmede de toelichting daarbij (Stcrt. 2010, nr. 17098).
324. Beschrijving. Behalve in de vorm van ‘seller recourse’ kan de seller/ originator (of een groepsmaatschappij van de originator) ook credit enhancement bieden door het SPV bij aanvang van de transactie een achtergestelde geldlening te verstrekken.1 Het kan daarbij gaan om een onderhandse lening, maar het is ook mogelijk dat de originator de houder is van een achtergestelde klasse van ABS. In Nederlandse RMBS-transacties is deze vorm van credit enhancement in het verleden wel toegepast. Tegenwoordig niet meer.
Het SPV kan de opbrengst van de lening onder andere gebruiken voor de bekostiging van allerhande uitgaven in de aanvangsfase van de transactie, zoals kosten in verband met de uitgifte van de ABS, provisies of premies te betalen aan external credit enhancers en rating agencies en honoraria voor juridische en fiscale advisering. Daarnaast kan de lening credit enhancement aan het SPV bieden doordat de opbrengst van de lening wordt aangewend voor de vorming van een reserve fund2 en mogelijk ook voor de betaling van een deel van de voor de vorderingen te betalen koopprijs. Met het reserve fund kunnen kredietverliezen op de geëffectiseerde vorderingen worden opgevangen.
Meestal betreft het een eenmalige lening (een one-off loan of start-up loan), maar het SPV kan met de originator ook een langlopende (achtergestelde) kredietfaciliteit overeenkomen, op grond waarvan het SPV gedurende de looptijd van de transactie krediet kan opnemen, zij het tot een bepaalde limiet.
De lening wordt meestal geleidelijk door het SPV terugbetaald met ‘excess spread’,3 indien en voor zover beschikbaar, en met de gelden van het reserve fund nadat de ABS volledig zijn afgelost.4 Het is echter ook mogelijk dat de lening pas vanaf dat moment behoeft te worden terugbetaald.
325. Achterstelling en ‘limited recourse’. De lening van de originator is een vorm van ‘first loss protection’.5 Teneinde credit enhancement te kunnen bieden, moet de lening worden achtergesteld bij (onder meer) de vorderingen van de investeerders in de ABS. De achterstelling houdt meestal in dat er pas rente en hoofdsom op de lening behoeft te worden betaald, indien en voor zover daarvoor nog gelden beschikbaar zijn nadat bepaalde andere schuldeisers die hoger zijn gerangschikt in de ‘priority of payments’ – waaronder de investeerders in de ABS – zijn voldaan.6,7 Bovendien kan in de kredietovereenkomst een zogenoemd ‘limited recourse’ beding worden opgenomen,8 op grond waarvan de originator enkel verhaal kan nemen overeenkomstig de in de trustakte opgenomen ‘priority of payments’. Het verhaalsrecht kan daarbij zijn beperkt tot bepaalde activa van het SPV, zoals de gelden van het reserve fund nadat de hoger gerangschikte schuldeisers zijn voldaan. Ter compensatie van het risicodragende karakter van de achtergestelde lening ontvangt de originator een relatief hoge rentevergoeding. De hoogte van de rentevergoeding kan mogelijk mede worden bepaald door de winst die het SPV behaalt. In dat geval fungeert de achtergestelde (winstdelende) lening tevens als methode van ‘profit extraction’.9
326. Solvabiliteitsimplicaties. Indien de Indien de originator een financiële onderneming is die met het aangaan van de securitisationtransactie een vermindering van het solvabiliteitsvereiste wil bewerkstelligen,10 dan dient rekening te worden gehouden met de mogelijke solvabiliteitsimplicaties van het verlenen van een achtergestelde lening aan het SPV. Indien de originator de onderliggende vorderingen buiten de berekening van risicogewogen posten en verwachte verliesposten wil houden, dan dient een aanzienlijk deel van het aan de vorderingen verbonden kredietrisico te zijn overgedragen aan derden.11 Bij de beoordeling van de vraag of dat het geval is, kan de omvang van de lening en de reikwijdte van de achterstelling een belangrijke rol spelen. Bovendien dient de originator kapitaal aan te houden tegenover haar kredietuitzetting onder de lening.