Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/72
Oplichting, art. 326 lid 1 Sr. Vordering tot tenuitvoerlegging van eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf. Heeft hof beslissing op tul vordering gemotiveerd? HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: O.g.v. art. 6:6:5 lid 1 Sv moet beslissing op tul vordering worden gemotiveerd. Hof heeft (door vonnis Pr te bevestigen) niets anders overwogen dan dat het tul van voorwaardelijke gevangenisstraf gelast. Aldus heeft hof geen redenen opgegeven voor die beslissing, terwijl dat o.g.v. art. 6:6:5 lid 1 Sv wel is vereist. Volgt (partiële) vernietiging t.a.v. beslissing op tul vordering en terugwijzing. Samenhang met RvdW 2026/73 en met 24/00143 en 24/00152 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o).
HR 02-12-2025, ECLI:NL:HR:2025:1783
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 december 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, C.N. Dalebout, F. Posthumus
- Zaaknummer
24/00205
- Conclusie
A-G mr. V.M.A. Sinnige
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Tenuitvoerlegging
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1783, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑12‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:794, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 16‑09‑2025
Essentie
Oplichting, art. 326 lid 1 Sr. Vordering tot tenuitvoerlegging van eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf. Heeft hof beslissing op tul vordering gemotiveerd? HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: O.g.v. art. 6:6:5 lid 1 Sv moet beslissing op tul vordering worden gemotiveerd. Hof heeft (door vonnis Pr te bevestigen) niets anders overwogen dan dat het tul van voorwaardelijke gevangenisstraf gelast. Aldus heeft hof geen redenen opgegeven voor die beslissing, terwijl dat o.g.v. art. 6:6:5 lid 1 Sv wel is vereist. Volgt (partiële) vernietiging t.a.v. beslissing op tul vordering en terugwijzing. Samenhang met ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.