Aftrek van BTW als (belaste) omzet ontbreekt
Einde inhoudsopgave
Aftrek van BTW als (belaste) omzet ontbreekt (FM nr. 134) 2010/4.4.2:4.4.2 BLP-arrest
Aftrek van BTW als (belaste) omzet ontbreekt (FM nr. 134) 2010/4.4.2
4.4.2 BLP-arrest
Documentgegevens:
dr. S.T.M. Beelen, datum 01-03-2010
- Datum
01-03-2010
- Auteur
dr. S.T.M. Beelen
- JCDI
JCDI:ADS301990:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Europees belastingrecht / Richtlijnen EU
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HvJ EG 6 april 1995, zaak C-4/94 (BLP), V-N 1995, blz. 3030.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het eerste arrest dat ik in dit verband wil bespreken is het BLP-arrest.1 In dit arrest ging het om een ondernemer die uitsluitend belaste prestaties verricht. Toen het slecht ging met de onderneming verkocht BLP een deelneming in een onderneming die zij enkele jaren daarvoor had gekocht. De opbrengst werd gebruikt om schulden af te lossen. In geschil was de aftrek van btw die drukt op advies- en accountantskosten die gemaakt waren in verband met de verkoop van de deelneming. Op dat moment (april 1995) wekte de beslissing van het Hof van Justitie EU bij niemand verbazing. Ervan uitgaande dat BLP een vrijgestelde prestatie had verricht (de levering van aandelen, zie laatste zin ro. 27) beslist het hof dat wanneer een belastingplichtige diensten verricht voor een andere belastingplichtige, die deze diensten voor een vrijgestelde handeling gebruikt, deze laatste behalve in de door die richtlijnen uitdrukkelijk bepaalde gevallen geen recht heeft op aftrek van voorbelasting, ook niet wanneer het doel van de vrijgestelde handeling uiteindelijk is gelegen in het verrichten van een belaste handeling.
Eén van de stellingen van BLP was dat wanneer zij haar financiële situatie had versterkt door een banklening, zij de btw die drukte op de daarvoor gemaakte kosten wel in aftrek had kunnen brengen. Het Hof van Justitie EU reageert daar als volgt op:
25 Het is juist, dat een onderneming waarvan de bedrijvigheid onder de BTW valt, recht heeft op aftrek van de belasting over diensten die accountants en juridisch adviseurs in verband met belaste handelingen van de belastingplichtige hebben verricht. Ook is juist, dat indien BLP haar tekort aan geldmiddelen door middel van een banklening had gedekt, zij de BTW over de in verband daarmee verrichte diensten van een financieel adviseur had kunnen aftrekken. Dit is evenwel de consequentie van het feit, dat deze diensten, die deel uitmaken van de algemene kosten van de onderneming en dus mede de prijs van de produkten bepalen, door de belastingplichtige voor belaste handelingen worden gebruikt.
Als een ondernemer een banklening aantrekt verricht hij geen belaste of vrijgestelde prestatie. Het Hof van Justitie EU verbindt daaraan de conclusie dat de kosten die de ondernemer daarvoor maakt dus geen betrekking kunnen hebben op goederen en diensten die hij voor belaste of vrijgestelde prestaties gebruikt. Het zijn algemene kosten.