Zoeken naar zekerheid
Einde inhoudsopgave
Zoeken naar zekerheid (SteR nr. 46) 2019/6.2:6.2 Identiteit en herkomst
Zoeken naar zekerheid (SteR nr. 46) 2019/6.2
6.2 Identiteit en herkomst
Documentgegevens:
R.W.J. Severijns, datum 01-08-2019
- Datum
01-08-2019
- Auteur
R.W.J. Severijns
- JCDI
JCDI:ADS180397:1
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zo heeft de IND met linguïsten een zogenoemde taalindicatie ontwikkeld die wordt ingezet als iemand valt onder een ‘pseudo-profiel’. De taalindicatie is een verkorte variant van de taalanalyse, waarbij een linguïst een korte opname beluistert op basis waarvan hij of zij bepaalt of de taal is te herleiden tot het gestelde land of gebied van herkomst.
T1.
Z1.
S11.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf beantwoord ik de vraag hoe medewerkers van de IND de identiteit en herkomst van de asielzoeker vaststellen. Zoals ik in de hoofdstukken 2 en 5 al heb beschreven, wordt de informatie voor de vaststelling hiervan primair verzameld voorafgaand aan en tijdens het eerste gehoor. De hoormedewerker die dit gehoor heeft afgenomen, maakt een samenvatting van zijn bevindingen en schrijft deze in de minuut. Dit wordt door medewerkers een procesbeslissing genoemd. Onderdeel hiervan is een conclusie over de vraag of de identiteit en herkomst met voldoende mate van zekerheid zijn vastgesteld. Zoals ik in hoofdstuk 5 al heb beschreven, zijn de nader gehoor- en beslismedewerker niet gebonden aan die conclusie. Ik ga in dit hoofdstuk vooral in op de vraag hoe deze feiten worden vastgesteld in het geval de IND twijfelt aan de identiteit en herkomst. Als de asielzoeker zijn identiteit en herkomst niet kan onderbouwen met documenten die door onderzoek van de KMar of Bureau Documenten van de IND echt worden bevonden zal de IND op een andere wijze deze feiten proberen vast te stellen. De IND voert ook extra controle uit als de asielzoeker in een zogenoemd pseudo-profiel valt. In deze profielen staan kenmerken van asielzoekers (zoals nationaliteit, taal, herkomstgebied) die de IND aanleiding geven om te twijfelen aan de herkomst van de asielzoeker en/of authenticiteit van zijn documenten.1
In deze paragraaf beschrijf ik hoe medewerkers van de IND te werk gaan om in twijfelgevallen de identiteit en herkomst vast te stellen. Vanwege de relatief hoge instroom van asielzoekers uit Syrië en Eritrea gedurende mijn onderzoeksperiode is de vaststelling van identiteit en herkomst nog belangrijker geworden om een asielaanvraag te kunnen beoordelen. Het enkele feit dat een asielzoeker uit een van deze landen komt, leidt in veel gevallen immers al vrijwel standaard tot vergunningverlening.
I: Als jij aan het beslissen bent, op welk moment in de procedure weet je dan welke beslissing het wordt? Op welk moment valt dat kwartje?
R: Dat verschilt per zaak. Als je met Syrië te maken hebt en je ziet documenten, dan weet je al wel dat het een inwilliging wordt.2
De herkomst van de asielzoeker is niet alleen relevant voor de vaststelling van de nationaliteit van de asielzoeker. Het is voor de IND ook belangrijk om te weten uit welk deel van een land de asielzoeker afkomstig is. Zo kan specifiek het eventuele risico bij terugkeer naar dat gebied vastgesteld worden. De IND onderzoekt immers ook of de asielzoeker zich eventueel in een ander deel van zijn herkomstland zou kunnen vestigen om vervolging of ernstige schade te vermijden. Een extreem voorbeeld van het belang om de exacte herkomst van de asielzoeker vast te stellen kwam ik tegen toen ik vroeg aan een medewerker welk feit hij het moeilijkst vindt om vast te stellen. Hij antwoordde:
R: Op dit moment moeten we aan de hand van een kaartje, waarop staat waar in Irak, Islamitische Staat wel of niet actief is, bepalen of iemand terug kan. Dan denk ik ja. Misschien dat IS daar vandaag niet is, maar zijn ze er morgen of over twee weken wel weer. Dan weet ik niet of je dat risico dan moet nemen.3
De werkwijze die de bovenstaande medewerker aanhaalt heeft niet lang bestaan, maar hij illustreert wel hoe bepalend de vaststelling van de herkomst van de asielzoeker kan zijn voor vergunningverlening. Als onderzoek van de IND tot de conclusie leidt dat een asielzoeker niet afkomstig is uit het gebied waar hij vandaan stelt te komen, kan dit grote gevolgen hebben voor het verdere verloop en uitkomst van de asielprocedure:
R: Nee, hij wordt geconfronteerd met de uitslag van de taalanalyse. Of hij wordt geconfronteerd met de uitkomst van het herkomstonderzoek en daar mag hij dan op reageren. Daar mag hij zijn reactie op geven. En dan vervolgens wordt er gevraagd: vertelt u uw verhaal maar. En aan het einde vragen we nog wel: heeft u nog in andere landen problemen ondervonden, dan wat u nu vertelt, of heeft hetgeen wat u heeft verteld plaatsgevonden in de plaats waar u zegt vandaan te komen. Zodat we vastgesteld hebben dat er ook niet nog iets anders gaat spelen. Als dat aan de orde is, dan doen we alleen nog maar de algemene vragen en dan gaan we afsluiten.4
De medewerkers van de IND beschikken over verschillende mogelijkheden en informatiebronnen om de herkomst en identiteit van de asielzoeker vast te stellen. In de volgende paragrafen bespreek ik de meest gehanteerde methoden en de informatiebronnen. Dit zijn documenten, de herkomstcheck, taalanalyse en individuele ambtsberichten. Aan het einde van deze paragraaf noem ik nog een aantal andere informatiebronnen.
6.2.1 Documentenonderzoek6.2.2 Herkomstcheck6.2.3 Taalanalyse6.2.4 Individuele Ambtsberichten6.2.5 Tussenconclusie