De rol van de paritas creditorum bij een faillissement
Einde inhoudsopgave
De rol van de paritas creditorum bij een faillissement 2023/7.8:7.8 Resultaten analyse II
De rol van de paritas creditorum bij een faillissement 2023/7.8
7.8 Resultaten analyse II
Documentgegevens:
mr. M.J. Noteboom, datum 31-05-2022
- Datum
31-05-2022
- Auteur
mr. M.J. Noteboom
- JCDI
JCDI:ADS686254:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De eerlijkheidsscores per verdelingsnorm worden hierna in grafiek 2 weergegeven.
Grafiek 2. Eerlijkheidsscores per verdelingsnorm
In grafiek 2 corresponderen hogere scores met hogere eerlijkheidsscores. De verdelingsnorm equity heeft de hoogste scores, gevolgd door equality. Opvallend is dat equity nagenoeg geen lage scores heeft, terwijl dat bij de overige verdelingsnormen wel het geval is. Daarnaast valt op dat de scores merendeel hoog (5, 6) of laag (1, 2) zijn. Middenscores (3, 4 of 5) komen minder voor. Dit duidt erop dat respondenten weinig twijfel hebben over de vraag wat zij eerlijk c.q. oneerlijk vinden.
In grafiek 3 worden de eerlijkheidsscores per situatie afgebeeld.
Grafiek 3. Eerlijkheidsscores per situatie
In grote lijnen komen de scores per situatie met elkaar overeen. In de situatie dat de vordering van A gelijk is aan de vordering van B, valt alleen op dat de eerlijkheidsscores hoger zijn dan de overige eerlijkheidsscores.
In grafiek 4 worden de verdelingsnormen en de situaties gecombineerd weergegeven.
Grafiek 4. Eerlijkheidsscores per verdelingsnorm en situatie
Grafiek 4 laat zien dat equity in alle drie de situaties het hoogste scoort op eerlijkheid. Need scoort het laagst gevolgd door mixed. Equality laat als enige een verschil zien wat betreft de gekozen situatie. In de situatie dat de vordering van A gelijk is aan de vordering van B zijn de eerlijkheidsscores op equality relatief hoog. In de overige situaties zijn de eerlijkheidsscores op equality relatief laag. In hoeverre equality eerlijk wordt gevonden, hangt dus af van de gekozen situatie. Bij de overige verdelingsnormen is dit niet het geval.
In de volgende logistische regressieanalyse wordt de dichotome variabele eerlijkheid geanalyseerd.
Tabel 3. verwachte kansen voor de vignetten 3 tm 14
95% Confidence Interval
Situatie
Verdelingsnorm
Prob.
SE
Lower
Upper
A < B
equality
0.029
0.011
0.013
0.062
A > B
equality
0.021
0.009
0.009
0.048
A = B
equality
0.782
0.052
0.664
0.867
A < B
equity
0.965
0.013
0.927
0.983
A > B
equity
0.973
0.011
0.942
0.988
A = B
equity
0.980
0.008
0.955
0.992
A < B
mixed
0.038
0.014
0.018
0.077
A > B
mixed
0.038
0.014
0.018
0.077
A = B
mixed
0.032
0.012
0.015
0.066
A < B
need
0.005
0.003
0.001
0.015
A > B
need
0.006
0.003
0.002
0.018
A = B
need
0.006
0.003
0.002
0.018
Tabel 3 laat de verwachte kans zien dat iemand de verdeling als eerlijk beoordeeld voor de combinaties van de vier verdelingsnormen en de drie situaties. Bijna geen enkele respondent vindt de verdelingsnormen equality, need of mixed eerlijk (0-3%), behalve bij de situatie waar de vordering van A gelijk is aan de vordering van B. In die situatie vindt 78% van de respondenten de verdelingsnorm equality eerlijk. De verdelingsnorm equity wordt telkens in hoge mate eerlijk gevonden (96-98%).
In tabel 4 worden de contrast-effecten getoond van deze analyse. Het gaat hierbij telkens om het contrast tussen twee situaties bij een gegeven verdelingsvorm.
Tabel 4. Resultaten logistische regressie vignetten 3 tm 14
95% Exp(B) Confidence Interval
Verdelingsnorm
contrast
Estimate
SE
exp(B)
Lower
Upper
z
p
equality
A > B - A < B
-0.322
0.465
0.725
0.291
1.80
-0.693
0.489
equality
A = B - A < B
4.792
0.438
120.586
51.154
284.26
10.953
< .001
equity
A > B - A < B
0.278
0.432
1.321
0.567
3.08
0.644
0.520
equity
A = B - A < B
0.601
0.454
1.824
0.750
4.44
1.325
0.185
mixed
A > B - A < B
-2.22e−7
0.414
1.000
0.444
2.25
-5.35e−7
1.000
mixed
A = B - A < B
-0.179
0.424
0.836
0.364
1.92
-0.423
0.672
need
A > B - A < B
0.246
0.703
1.279
0.322
5.08
0.350
0.726
need
A = B - A < B
0.246
0.703
1.279
0.322
5.08
0.350
0.726
Uit tabel 4 blijkt dat er (uitsluitend) in het geval van equality een statistisch significant verband is tussen de voorgelegde situatie (A=B) en de kans dat een persoon de verdeling als eerlijk beoordeelt (log odds = 4.79, p < .001). Bij de verdelingsnorm equality geldt dus dat de kans 120 maal groter is dat een persoon de A=B verdeling ten opzichte van de A<B eerlijker vindt (odds ratio = 120).
In dit verband merk ik nog op dat bij een verdeling in de situatie A=B de uitkomst bij verdelingsnorm equity gelijk is aan de uitkomst bij verdelingsnorm equality. Ter verduidelijking een voorbeeld. Stel: twee schuldeisers hebben ieder recht op 100, terwijl er maar 50 is. Zowel bij een verdeling op grond van equity als bij equality is de uitkomst dat iedere schuldeiser 25 ontvangt (25% van zijn vordering). De relatief hoge eerlijkheidsscore op equality indien A=B wordt daarom wellicht verklaard door het gegeven dat er in die situatie geen verschil in uitkomst is tussen (de in alle situaties eerlijker gevonden) equity en (de in de overige situaties oneerlijker gevonden) equality.
Grafiek 5 vat tot slot hierna de bevindingen in één beeld nog eens goed samen. De grafiek laat duidelijk zien dat equity het hoogst scoort op eerlijkheid in alle situaties. Alle andere verdelingsvormen scoren in alle situaties laag op eerlijkheid, met uitzondering van equality in de A= B situatie.
Grafiek 5. Eerlijkheidsscores per verdelingsnorm en per situatie