Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/4.2.5:4.2.5 Heaney en McGuinness t. Verenigd Koninkrijk (2000)
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/4.2.5
4.2.5 Heaney en McGuinness t. Verenigd Koninkrijk (2000)
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS483384:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Klagers werden gearresteerd op grond van de Offences Against the State Act 1939 (‘1939 Act’) in verband met een bomaanslag. Zij weigerden te verklaren over hun activiteiten en verblijfplaats gedurende een bepaalde periode. Niet voldoening hieraan werd in art. 52 van de 1939 Act bedreigd met zes maanden gevangenisstraf. Klagers werden ontslagen van rechtsvervolging, maar wel gevangen gezet vanwege hun weigering te verklaren.
De opvatting van het EHRM dat het recht tegen gedwongen zelfbelasting de verdachte moet beschermen tegen ontoelaatbare dwang, klinkt in deze zaak vrij sterk door. De omstandigheid dat klagers (enkel) konden kiezen tussen informatieverstrekking enerzijds en gevangenisstraf anderzijds ondermijnde de essentie van hun recht tegen gedwongen zelfbelasting.1 Daarbij weegt het Hof de in de Ierse (nationale) wetgeving vastgelegde procedurele waarborgen mee. In het bijzonder trekt de aandacht dat het Hof in zijn oordeel dat art. 6 EVRM is geschonden meeweegt dat onzeker was of de door klagers verstrekte verklaringen van het bewijsgebruik in de strafprocedure zijn uitgesloten.2