Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/4.2.11:4.2.11 Shannon t. Verenigd Koninkrijk (2005)
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/4.2.11
4.2.11 Shannon t. Verenigd Koninkrijk (2005)
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS486993:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
EHRM 21 april 2009 (Marttinen t. Finland), NJ 2009, 557 (m.nt. Schalken); FED 2009/69 (m.nt. Thomas).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Shannon was voorzitter van de Irish Republican Felons Club. Bij deze club was een politieonderzoek ingesteld en waren documenten in beslag genomen. Nadat de klager was aangeklaagd wegens het voeren van een valse boekhouding en fraude, werd hij opgeroepen voor verhoor met een financieel rechercheur op grond van de Proceeds of Crime (Northern Ireland) Order 1996 (‘1996 Order’). Het verhoor betrof niet de aanklacht zelf. Het moest onder meer licht werpen op de vraag of iemand had geprofiteerd van diefstal of een valse boekhouding, die bijdroeg aan de financiering van een verboden organisatie. Voorafgaand aan het verhoor vroeg de raadsman om een schriftelijke toezegging dat wanneer klager zou verschijnen en verklaren, die verklaring niet in de (parallelle) strafzaak tegen hem zou worden gebruikt. Omdat geen vrijwaring werd gegeven, weigerde hij te verschijnen. Er bestond onvoldoende zekerheid dat zijn verklaringen niet zouden worden gebruikt in de strafzaak. Hij werd daarop beboet wegens niet-medewerking aan het verhoor.
Op Shannons klacht, dat art. 6 EVRM is geschonden, overweegt het EHRM dat niet kan worden uitgesloten dat de verklaringen die hij tijdens het verhoor zou hebben afgelegd, tegen hem konden worden gebruikt in de al aanhangige strafprocedure. Onder verwijzing naar Heaney en McGuinness overweegt het Hof dat de specifieke problemen die kleven aan het onderzoek naar criminaliteit in Noord Ierland de toepassing van de 1996 Order niet rechtvaardigen. Er is sprake van schending van klagers recht tegen gedwongen zelfbelasting. Met Shannon is verwant Marttinen.1