Bijzonder ontslagprocesrecht
Einde inhoudsopgave
Bijzonder ontslagprocesrecht (MSR nr. 67) 2015/10.3:10.3 Herziening ontslagrecht krachtens de Wet werk en zekerheid
Bijzonder ontslagprocesrecht (MSR nr. 67) 2015/10.3
10.3 Herziening ontslagrecht krachtens de Wet werk en zekerheid
Documentgegevens:
Mr. D.M.A. Bij de Vaate, datum 30-12-2014
- Datum
30-12-2014
- Auteur
Mr. D.M.A. Bij de Vaate
- JCDI
JCDI:ADS353521:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Rechtspleging van onderscheiden aard
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie hierover: Bennaars 2014, p. 31-37.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De huidige opzeggingsroute met toestemming van het UWV is problematisch in het licht van art. 6 EVRM, zo is geconstateerd in dit onderzoek. Artikel 6 lid 1 EVRM eist dat de vaststelling van een burgerlijk recht, zoals de vraag of de arbeidsovereenkomst beëindigd kan worden, wordt beslist door een (onafhankelijke) rechterlijke instantie. Het UWV kan echter niet als een (onafhankelijke) rechterlijke instantie worden aangemerkt. Het is niet onafhankelijk van het bestuur. In het nieuwe ontslagrecht krachtens de Wet werk en zekerheid blijft de opzeggingsroute met voorafgaande toestemming van het UWV bestaan, met dien verstande dat deze weg in de toekomst uitsluitend nog is weggelegd voor de opzegging wegens bedrijfseconomische redenen of wegens langdurige arbeidsongeschiktheid van de werknemer (art. 7:671 lid 1 sub a jo 7:671a lid 1 nieuw BW).1 Betekent dit ook dat de strijdigheid van de UWV-procedure met art. 6 EVRM blijft voortbestaan?
10.3.1 Opzegging van de arbeidsovereenkomst10.3.2 Full jurisdiction-doctrine10.3.3 Snelheid en zekerheid