Einde inhoudsopgave
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/3.2.6.1
3.2.6.1 Visie op communicatie en dienstverlening: instrument voor gedragsbeïnvloeding
Mr. dr. T.A. Cramwinckel, datum 29-07-2022
- Datum
29-07-2022
- Auteur
Mr. dr. T.A. Cramwinckel
- JCDI
JCDI:ADS661613:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Organisatie Belastingdienst
Voetnoten
Voetnoten
Volgens Brunger en Veldman 2011, p. 31 is in deze periode relatief minder communicatiebeleid geschreven c.q. bewaard dan in de jaren 90 (mogelijk werd communicatie iets ‘vanzelfsprekends’).
Belastingdienst, Bedrijfsplan 2003-2007, onderdeel ‘communicatie’; Belastingdienst Bedrijfsplan Externe communicatie 2003-2007, par. 1.1. Belastingdienst, Nota Nabij en vertrouwd 2006, par. 4.2-4.3; Verbeek 2005.
Belastingdienst, Nota Nabij en vertrouwd 2006, par. 4.2.
Belastingdienst Bedrijfsplan Externe communicatie 2003-2007, par. 1.1.
Belastingdienst, Nota Diensten en dreigementen 2009, samenvatting: ‘De Belastingdienst wil met communicatie het (nalevings)gedrag van burgers en bedrijven positief beïnvloeden. Dat doen we in het algemeen door het dienstverlenende karakter van de Belastingdienst te benadrukken. Daarnaast laten we waar nodig ook het strenge gezicht van de organisatie zien.’
Belastingdienst Bedrijfsplan Externe communicatie 2003-2007, par. 1.1, par. 1.2; Belastingdienst, Bedrijfsplan 2003-2007, onderdeel ‘communicatie’.
Belastingdienst, Bedrijfsplan 2003-2007, onderdeel ‘communicatie’.
Belastingdienst, Bedrijfsplan 2003-2007, onderdeel ‘communicatie’. Ook meet de Belastingdienst daarvan de effecten en communiceert de Belastingdienst over voorgenomen (controle)acties en activiteiten te communiceren én over de resultaten van toezicht, waarmee eveneens houding en gedrag van belastingplichtigen kan worden beïnvloed.
Belastingdienst, Nota Handhavingscommunicatie 2002 spreekt van ‘het juiste fiscale gedrag vertonen. Correct fiscaal gedrag is het strategische doel’; Belastingdienst, Bedrijfsplan 2003-2007, onderdeel ‘Communicatie’ (‘fiscaal gewenst gedrag’); Volgens Verbeek 2005 gaat het bij ‘gewenst gedrag’ om ‘compliant gedrag’.
Belastingdienst, Nota Nabij en vertrouwd 2006, par. 4.2; Rijksbegroting 2009 (Ministerie van Financiën), par. 2.1.2.4; Beleidsdoorlichting Dienstverlening Belastingdienst 2015, par. 1. Belastingdienst, Nota Diensten en dreigementen 2009: ‘Ook vanuit vanuit een perspectief van gedragsbeinvloeding is veel te zeggen voor een dienstverlenende strategie. Samengevat maken de volgende mechanismen een dienstverlenende strategie effectief: *Gemak: hoe lager de drempels, hoe groter de kans op het gewenste gedrag. * Wederkerigheid: wij doen ons best om het makkelijker te maken, u vult de aangifte in. *Vertrouwen: wie vertrouwen geeft, krijgt vertrouwen terug. *Vanzelfsprekendheid: je doet het gewoon even.’
De communicatiestrategie uit de jaren 90 wordt in deze periode voortgezet en verfijnd.1 Er komt meer nadruk te liggen op communicatie en dienstverlening als middel (‘instrument’) om gedrag van burgers te beïnvloeden (paragraaf 2.3.3.4).2 De focus op gedrag hangt samen met de compliancestrategie van de Belastingdienst, zoals de Nota ‘Nabij en Vertrouwd’ uit 2006 inzake publiekscommunicatie naar voren brengt:
‘De werkwijze van de Belastingdienst is gericht op het versterken van de compliance, een gedragslijn waarbij burgers en bedrijven handelen in overeenstemming met hun rechten en plichten. Compliance zit bijvoorbeeld in gedragingen als:
Op tijd relevante informatie doorgeven.
Geen fouten maken.
Je gegevens controleren.
Aan de doelformulering wordt tegen deze achtergrond de eis verbonden dat deze is gesteld in termen van gedrag. Aan wat mensen doen of nalaten, liggen oorzaken en redenen ten grondslag. Naarmate we daar meer over weten, krijgen we meer zicht op beïnvloedingsmogelijkheden.’3
De context waarbinnen de Belastingdienst communicatie inzet voor gedragssturing – wetsuitvoering, doeltreffend en doelmatig, via dienstverlening en respect – wordt verwoord in de inleiding van het Bedrijfsplan Externe Communicatie 2003-2007:
‘De Belastingdienst is een publieke dienst, die ten dienste staat van burgers en bedrijfsleven. Hij is de uitvoeringsorganisatie van het Ministerie van Financiën. Er is een permanente opdracht: De Belastingdienst voert wet – en regelgeving die hem is opgedragen zo doeltreffend en doelmatig mogelijk uit. In zijn handelen streeft hij naar handhaving van rechtszekerheid en rechtsgelijkheid. Dienstverlening aan en respect voor het publiek zijn aan dat handelen onlosmakelijk verbonden.
De Belastingdienst streeft er naar om de bereidheid van belastingplichtigen tot nakoming van de wettelijke verplichtingen te onderhouden en te versterken.
Die bereidheid kan worden beïnvloed door de eigen opstelling van de Belastingdienst tegenover de belastingplichtige:
door dienstverlenend optreden;
door het betonen van respect voor belastingplichtigen;
door duidelijkheid te verschaffen over rechten en plichten;
door snelle en efficiënte bedrijfsvoering
door passende correctieve actie.
(…)
Externe communicatie probeert uiteindelijk altijd gedrag te beïnvloeden: compliant gedrag. Dat gebeurt onder andere via beïnvloeding van kennis, houding, normen & waarden, subjectieve pakkans of imago.’4
Over de inzet van communicatie om invloed uit te oefenen op het gedrag van burgers is de Belastingdienst transparant (paragraaf 2.3.3.4).5 Zo staat in het Bedrijfsplan externe communicatie 2003-2007, waarbij externe communicatie ziet op communicatie met o.a. burgers:
‘Externe communicatie probeert uiteindelijk altijd gedrag te beïnvloeden: compliant gedrag. Dat gebeurt onder andere via beïnvloeding van kennis, houding, normen & waarden, subjectieve pakkans of imago.’6
Gedrag van belastingplichtigen wordt volgens de Belastingdienst bepaald door kennis, houding, normen en waarden, en perceptie van de pakkans.7 Op elk van die elementen speelt voorlichting een rol, vervolgt het Bedrijfsplan:
‘Om de belastingplichtige duidelijk te maken waarom hij iets moet doen, geven wij hem voorlichting over zijn belangrijkste rechten en plichten, ‘fiscale momenten’ en wetswijzigingen. Dat doen wij met voorlichtingscampagnes en adequate en toegankelijke informatie op onze website. Met die dienstverlenende, instructieve en instrumentele voorlichting kunnen wij kennis, houding en gedrag van belastingplichtigen beïnvloeden.’8
Voorlichting wordt dus ingezet om het gedrag van burgers te beïnvloeden. Dan gaat het om ‘fiscaal gewenst gedrag’,9 hetgeen inhoudt dat belastingplichtigen niet alleen bereid zijn hun verplichtingen na te komen, maar ook daadwerkelijk tijdig, juist en volledig de aangifte te doen, en tijdig te betalen (oftewel, compliant gedrag).10