Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/732
Verkrachting (meermalen gepleegd), art. 242 Sr. 1. Bewijsminimum, art. 342 lid 2 Sv (unus testis). Vindt verklaring van aangeefster voldoende steun in ander bewijsmateriaal? 2. Motivering maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperking (langdurig toezicht), art. 38z Sr. Heeft hof vastgesteld dat het aannemelijk is dat na ondergaan van gevangenisstraf sprake zal zijn van recidivegevaar bij verdachte en er daaruit voortvloeiende noodzaak bestaat tot oplegging van deze maatregel? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 02-07-2024, ECLI:NL:HR:2024:955
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 juli 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, Y. Buruma, A.L.J. van Strien
- Zaaknummer
22/04629
- Conclusie
A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:955, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑07‑2024
Essentie
Verkrachting (meermalen gepleegd), art. 242 Sr. 1. Bewijsminimum, art. 342 lid 2 Sv (unus testis). Vindt verklaring van aangeefster voldoende steun in ander bewijsmateriaal? 2. Motivering maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperking (langdurig toezicht), art. 38z Sr. Heeft hof vastgesteld dat het aannemelijk is dat na ondergaan van gevangenisstraf sprake zal zijn van recidivegevaar bij verdachte en er daaruit voortvloeiende noodzaak bestaat tot oplegging van deze maatregel? HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/04629
Datum 2 juli 2024
ARREST ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.