De grondwetsherzieningsprocedure
Einde inhoudsopgave
De grondwetsherzieningsprocedure (SteR nr. 52) 2021/II.5.1:II.5.1 Inleiding, methode en opbouw
De grondwetsherzieningsprocedure (SteR nr. 52) 2021/II.5.1
II.5.1 Inleiding, methode en opbouw
Documentgegevens:
T. van Gennip, datum 01-08-2021
- Datum
01-08-2021
- Auteur
T. van Gennip
- JCDI
JCDI:ADS284940:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk maak ik een probleemanalyse van de herzieningsprocedure. Een onderdeel van mijn centrale vraagstelling luidt namelijk: ‘welke kwaliteiten en gebreken zijn gelet op de toepassingspraktijk van de procedure naar voren gekomen?’ De focus ligt anders dan de titel van dit hoofdstuk doet vermoeden, niet alleen op problemen. Ook positieve kwaliteiten komen aan de orde.
Bij de beantwoording van deze vraagstelling grijp ik terug op de eerdere hoofdstukken. In paragraaf 2 ga ik in op de zwaarte van de herzieningsprocedure in haar geheel. In die paragraaf grijp ik terug naar het hoofdstuk over de functies van de Grondwet. Ik plaats de herzieningsprocedure allereerst in dat normatieve kader.
Vanaf paragraaf 3 zal ik vervolgens de verschillende aspecten van de procedure doorspreken. Denk onder andere aan de tussentijdse ontbinding, de eis van een gekwalificeerde meerderheid in tweede lezing en de rol van de Eerste Kamer. Hier zal ik het onderzoek van hoofdstuk 2 (de herkomst en de uitgangspunten van de procedure) en hoofdstuk 3 (de verdere ontwikkeling van de procedure) als achtergrond gebruiken. Tevens komt aan de orde of er nog onduidelijkheden of incoherente aspecten in de procedure schuilen die om een oplossing vragen. De resultaten van dit hoofdstuk vormen de opmaat naar het zesde hoofdstuk, waarin een analyse volgt van enkele oplossingen voor de in dit hoofdstuk gesignaleerde problemen, onduidelijkheden en incoherente aspecten.