Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/4.7.6.2.2
4.7.6.2.2 De tweede generatie
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS401433:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Del. Code Ann. tit. 6 § 1515(b).
Del. Code Ann. tit. 6 § 1515(c).
Del. Code Ann. tit. 6 § 1546.
Del. Code Ann. tit. 6 § 1547.
Delaware Revised Uniform Partnership Act: § 15-306(c). Assessment is een contractuele verplichting van een vennoot.
In de oorspronkelijke LLP regeling werd bepaald dat de beperking van de aansprakelijkheid: `(.) [S] hall not affect the liability of a partner in a registered limited liability partnership for his own negligence, wrongful acts, or misconduct, or that of any person under his direct supervision and control' (Del. Code Ann. tit. 6 § 1515(c)).
Bromberg, A.R. en L.E. Ribstein (2009), supra noot 125, § 3.03(b).
De tweede generatie LLP-regelingen werd ingeluid door de regeling van Delaware. In deze regeling werd de Texaanse LLP-regeling op diverse punten uitgebreid en de bescherming tegen aansprakelijkheid vergroot. De veranderingen omvatten onder andere: (1) het uitbreiden van de lijst van activiteiten die onder de bescherming vielen, door de termen in de Texas regeling (errors, omissions, negligence, incompetence, or malfeasance) te vervangen door 'wrong/ui acts or misconduct',1 (2) het beperken van de aansprakelijkheid van de vennoot voor fouten van iemand die onder zijn toezicht of supervisie staat tot iemand die onder zijn directe supervisie en toezicht staat,2 (3) het verhogen van het verplichte verzekeringsbedrag tot $1.000.000 en het verwijderen van de woorden Vreasonably available',3 en (4) het expliciet toestaan dat de LLP zowel binnen als buiten Delaware mocht opereren, waarbij de LLP in beide situaties door het recht van Delaware werd beheerst.4 In de Texaanse regeling was het onduidelijk of vorderingen uit hoofde van onrechtmatige daad als gevolg van (beroeps)fouten, waartegen bescherming bestond, ook gebaseerd konden worden op grond van wanprestatie of op grond van een impliciete garantie in het contract. Ook was onduidelijk of vennoten met een contribution moesten bijdragen aan het verlies dat was ontstaan door een vordering, waarvoor de aansprakelijkheid van de vennoten onder de LLP-regeling verondersteld werd te zijn beperkt. De LLP-regeling van Delaware heeft getracht deze punten op te lossen door te bepalen dat de vennoten niet direct of indirect aansprakelijk zijn `by way of idemnification, contribution, assessment or otherwise' en whether characterized as tort, contract, or otherwise'.5 De vennoten zijn dus niet gehouden om intern bij te dragen aan de schade waartegen zij eigenlijk beschermd zijn. Vennoten kunnen onderling wel een andere regeling treffen. Tevens kunnen zij indirect aansprakelijk zijn voor de onbeschermde verbintenissen aangezien het bij de Delaware regeling nog steeds alleen ging om bescherming tegen schade ontstaan uit (beroeps)fouten en niet om aansprakelijkheid voor allerlei soorten claims. Deze bescherming wordt aangeduid als een partial shield. Vennoten bleven ook aansprakelijk voor hun eigen (beroeps)fouten en voor die van personen die onder hun directe toezicht of controle stonden.6 Tot 1994 was de regeling van Delaware de meest geavanceerde wetgeving over de aansprakelijkheid van de vennoten. Het belangrijkste argument in het voordeel van deze vorm van bescherming is dat het ervoor zorgt dat de aard van de personenvennootschap, de indirecte (hoofdelijke) aansprakelijkheid behouden blijft. Hierdoor wordt verzekerd dat de LLP als personenvennootschap blijft aangemerkt.7