Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1053
Termijn indienen beklag tegen inbeslagneming. Sprake van situatie ex art. 552a lid 4 Sv waarin geen vervolging is ingesteld. Beklag had uiterlijk binnen twee jaren na inbeslagneming moeten zijn ingediend.
HR 23-09-2025, ECLI:NL:HR:2025:1367
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 september 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, M. Kuijer
- Zaaknummer
24/02055 B
- Conclusie
A-G mr. T.N.B.M. Spronken
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1367, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑09‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:584, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 10‑06‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 16‑07‑2024
- Wetingang
Essentie
De rechtbank heeft de klaagster niet-ontvankelijk verklaard in haar beklag na te hebben vastgesteld dat de zaak door het openbaar ministerie is geseponeerd zonder dat een rechter in de zaak tegen klaagster was betrokken, en dat de rechtbank daarna heeft beslist dat de zaak is beëindigd. In dit geval is derhalve sprake van een situatie waarin geen vervolging is ingesteld ex art. 552a lid 4 Sv, zodat een beklag uiterlijk binnen twee jaren na inbeslagneming moet zijn ingediend.
Samenvatting
Uit de beschikking van de rechtbank volgt dat het geldbedrag van € 170.100 (in 2017) op grond van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.