De eenzijdige rechtshandeling
Einde inhoudsopgave
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/3.4.26:3.4.26 Letzwillige Verfügung (uiterste wilsbeschikking)
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/3.4.26
3.4.26 Letzwillige Verfügung (uiterste wilsbeschikking)
Documentgegevens:
C. Spierings, datum 06-02-2016
- Datum
06-02-2016
- Auteur
C. Spierings
- JCDI
JCDI:ADS375579:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
164. Een erflater kan bij uiterste wilsbeschikking erfgenamen benoemen (§1937 BGB), onterven (§1938 BGB), een legaat vermaken (§1939 BGB) of een last opleggen (§1940 BGB). De uiterste wilsbeschikking is nichtempfangsbedürftig.1
De in het testament genoemde personen worden ipso iure erfgenamen, zonder dat zij dat hoeven te aanvaarden. Zij hebben wel het recht om de nalatenschap te weigeren, zolang zij niet hebben aanvaard en zolang de periode van zes weken na kennisneming van de uiterste wilsbeschikking niet is verstreken.2 Ook de aanvaarding en weigering zijn eenzijdige rechtshandelingen. Aanvaarding werkt niet rechtsverkrijgend, maar enkel rechtsbevestigend. Zij hoeft niet expliciet te geschieden, maar kan uit stilzwijgen worden afgeleid; als na zes weken de nalatenschap niet is geweigerd, wordt zij geacht te zijn aanvaard.3 Weigering van een nalatenschap moet plaatsvinden in een verklaring aan de rechtbank.4 Net als de uiterste wilsbeschikking zelf zijn aanvaarding en weigering van de nalatenschap nichtempfangsbedürftig.5