Natrekking door onroerende zaken
Einde inhoudsopgave
Natrekking door onroerende zaken (O&R nr. 94) 2016/6.4:6.4 De vestiging van een beperkt recht op een gedeelte van een beperkt recht dat rust op de grond
Natrekking door onroerende zaken (O&R nr. 94) 2016/6.4
6.4 De vestiging van een beperkt recht op een gedeelte van een beperkt recht dat rust op de grond
Documentgegevens:
P.J. van der Plank, datum 01-05-2016
- Datum
01-05-2016
- Auteur
P.J. van der Plank
- JCDI
JCDI:ADS481900:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Bijzondere onderwerpen
Goederenrecht / Eigendom, bezit en houderschap
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Heyman en Bartels stellen: “Het ontbreken van eenheid bij samenvoeging van percelen is derhalve uitsluitend het gevolg van eerder gevestigde zakelijke rechten. Zodra die zijn uitgewerkt, verliest de oude verkaveling haar betekenis.” Zie: H.W. Heyman & S.E. Bartels, Vastgoedtransacties. Koop, Den Haag: Boom Juridische Uitgevers 2012, p. 34.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het bovenstaande geldt ook indien een beperkt recht niet gevestigd wordt op een gedeelte van een grondstuk, maar op een gedeelte van een ander beperkt recht dat rust op de grond. Zowel het hypotheekrecht als het recht van vruchtgebruik kunnen immers niet alleen gevestigd worden op zaken, maar op alle goederen. Hoewel het in de praktijk niet gebruikelijk is, is het theoretisch mogelijk een recht van erfpacht slechts gedeeltelijk te bezwaren met een recht van hypotheek. Ook door de bezwaring van een gedeelte van het recht van erfpacht, wordt (behalve het recht van erfpacht ook) het onderliggende (blote) eigendomsrecht gesplitst. Er ontstaat in dat geval immers een wijziging in de rechtstoestand: het ene gedeelte van het erfpacht recht is onbezwaard, terwijl het andere gedeelte bezwaard is met een recht van hypotheek. Indien het recht van hypotheek op een later moment tenietgaat, bijvoorbeeld door de voldoening van de vordering waarvoor het hypotheekrecht is gevestigd, en beide rechten van erfpacht weer onbezwaard zijn, ontstaat door het tenietgaan van het recht van hypotheek weer één recht van erfpacht, met onderliggend één (bloot) eigendomsrecht.1