De huur van ongebouwde onroerende zaken: een leemte in de wet
Einde inhoudsopgave
De huur van ongebouwde onroerende zaken (R&P nr. VG8) 2017/4.2.4.5:4.2.4.5 Voorkeursrecht van de pachter
De huur van ongebouwde onroerende zaken (R&P nr. VG8) 2017/4.2.4.5
4.2.4.5 Voorkeursrecht van de pachter
Documentgegevens:
mr. E.H.M. Swaneveld-Bakelaar, datum 26-04-2016
- Datum
26-04-2016
- Auteur
mr. E.H.M. Swaneveld-Bakelaar
- JCDI
JCDI:ADS377614:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Bijzondere onderwerpen
Huurrecht / Verplichtingen huurder en verhuurder
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De huurder van een ongebouwde onroerende zaak heeft geen wettelijke voorkeursrecht op grond waarvan hij het gehuurde op enig moment in eigendom zou kunnen verwerven. Een pachter met een reguliere pachtovereenkomst heeft dit recht wel en heeft wat dat betreft dan ook een sterkere positie dan de huurder van een ongebouwde onroerende zaak.1 De regeling geldt niet in geval van hectarepacht of geliberaliseerde pacht. De positie van de pachter bij deze bijzondere pachtvormen is dan ook gelijk aan die van de huurder van een ongebouwde onroerende zaak.
Het voorkeursrecht kan van groot belang zijn voor de pachter. Hij kan hiermee immers de continuïteit van zijn bedrijf verbeteren. Een overeenkomst is en blijft in beginsel eindig, maar als de pachter eigenaar wordt, heeft hij de zekerheid (onteigening daargelaten) dat hij de grond kan blijven gebruiken zolang hij zijn bedrijf uitoefent.
Het voorkeursrecht houdt in dat wanneer de verpachter tot vervreemding van het verpachte of een deel daarvan wil overgaan, hij in de meeste gevallen verplicht is de pachter in de gelegenheid te stellen om het aan te bieden recht te verkrijgen.2 Onder vervreemding in de zin van het voorkeursrecht valt eigendomsoverdracht en de vestiging of overdracht van een recht van erfpacht, opstal of vruchtgebruik.