De huur van ongebouwde onroerende zaken: een leemte in de wet
Einde inhoudsopgave
De huur van ongebouwde onroerende zaken (R&P nr. VG8) 2017/4.3:4.3 Erfpacht
De huur van ongebouwde onroerende zaken (R&P nr. VG8) 2017/4.3
4.3 Erfpacht
Documentgegevens:
mr. E.H.M. Swaneveld-Bakelaar, datum 26-04-2016
- Datum
26-04-2016
- Auteur
mr. E.H.M. Swaneveld-Bakelaar
- JCDI
JCDI:ADS380108:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Bijzondere onderwerpen
Huurrecht / Verplichtingen huurder en verhuurder
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De positie van de huurder van een ongebouwde onroerende zaak wordt in dit hoofdstuk ook vergeleken met de positie van de erfpachter. In beide gevallen gaat het om het gebruik van een onroerende zaak waarbij de gebruiker niet de eigendom van die onroerende zaak heeft. In geval van erfpacht kan het gaan om zowel een ongebouwde als een gebouwde onroerende zaak. Omdat de wettelijke bepalingen in beide gevallen gelijk zijn, maak ik in de onderhavige vergelijking geen onderscheid tussen erfpacht van een ongebouwde en een gebouwde onroerende zaak. Het recht van erfpacht is geregeld in titel 7 van boek 5 BW. De titel bestaat uit artikel 85-100.
4.3.1 Doel en aard van het recht4.3.2 Dwingend/aanvullend recht4.3.3 Duur4.3.4 Rechten en plichten van partijen4.3.5 Einde van het recht4.3.6 Conclusie